ECLI:NL:GHAMS:2024:1510
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bekrachtiging vonnis voorzieningenrechter inzake contact- en gebiedsverbod na relatieconflict
De vrouw is in hoger beroep gekomen tegen het vonnis van de voorzieningenrechter die haar verzoek tot contact- en gebiedsverbod tegen de man heeft afgewezen. De vrouw vordert onder meer een gebiedsverbod rondom haar woning en de school van hun minderjarige kind, alsmede een contactverbod jegens haar en het kind.
De feiten betreffen een eerdere affectieve relatie tussen partijen met een minderjarige zoon. Er zijn incidenten aangevoerd, waaronder een vermeende mishandeling op 31 december 2023 en een confrontatie op 16 februari 2024. De man betwist deze incidenten en stelt dat hij zich aan de voorwaarden houdt en hulp zoekt.
Het hof oordeelt dat hoewel er aanwijzingen zijn voor mishandeling op 31 december 2023, onvoldoende bewijs is voor een actuele en toekomstige reële dreiging die een inbreuk op de bewegingsvrijheid van de man rechtvaardigt. Ook de gevorderde contactverboden zijn onvoldoende onderbouwd. Het belang van de man om zich vrij te bewegen weegt zwaarder dan het belang van de vrouw bij de gevorderde verboden.
Daarom bekrachtigt het hof het vonnis van de voorzieningenrechter, wijst het hoger beroep af en compenseert de proceskosten tussen partijen.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis van de voorzieningenrechter en wijst het hoger beroep af wegens onvoldoende bewijs van een reële dreiging voor contact- en gebiedsverbod.