Uitspraak
GERECHTSHOF AMSTERDAM
200.333.684/01van
200.333.467/01van
[minderjarige], hierna te noemen: [minderjarige] .
1.De zaken in het kort
2.De procedure in hoger beroep
3.De feiten
4.De omvang van het hoger beroep
;
Gerechtshof Amsterdam
Deze zaak betreft het hoger beroep van ouders over de zorgregeling en kinderalimentatie voor hun minderjarige kind, waarbij de rechtbank eerder een week-op-week-af regeling met wisseling op maandag had vastgesteld.
De vader verzocht onder meer om het wisselmoment te verplaatsen naar vrijdag, geen donderdagavondwissel, en betaling van verblijfsoverstijgende kosten in plaats van kinderalimentatie. De moeder wilde terug naar een 5-5-2-2 regeling en handhaving van de verblijfsoverstijgende kosten door haar, met een lagere alimentatie.
Het hof oordeelde dat een week-op-week-af regeling met wisseling op vrijdag het beste is voor het belang van het kind, vermindert wisselingen en stress. De zomervakantie wordt om en om verdeeld met praktische wisselmomenten. De vader moet een maandelijkse bijdrage van €130 betalen, waarbij de moeder de verblijfsoverstijgende kosten blijft dragen. Tevens werd bepaald dat de moeder de inloggegevens van de tennisclub aan de vader moet verstrekken onder voorwaarden.
De bestreden beschikking van de rechtbank wordt vernietigd en de zorgregeling en alimentatie worden opnieuw vastgesteld in het belang van het kind en met oog voor praktische uitvoerbaarheid.
Uitkomst: Het hof wijzigt de zorgregeling naar een week-op-week-af regeling met wisseling op vrijdag en stelt de kinderalimentatie vast op €130 per maand.