ECLI:NL:GHAMS:2023:563
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Incident tot zekerheidstelling proceskosten in hoger beroep tegen vennootschap gevestigd in China
In deze civiele procedure is door de vennootschap Dofoho, gevestigd in China, hoger beroep ingesteld tegen een vonnis van de rechtbank Noord-Holland. In het incident tot zekerheidstelling vordert de wederpartij, [geïntimeerde], dat Dofoho zekerheid stelt voor de te verwachten proceskosten van €28.525,- middels een bankgarantie.
Dofoho betwist de noodzaak en hoogte van de zekerheidstelling en stelt dat de proceshouding van [geïntimeerde] de procedure onnodig heeft verlengd. Tevens verzoekt Dofoho om een lagere zekerheidstelling en dat ook [geïntimeerde] zekerheid stelt.
Het hof oordeelt dat Dofoho als partij zonder woonplaats in Nederland zekerheid moet stellen conform artikel 224 Rv Pro, tenzij uitzonderingen van toepassing zijn, die hier niet zijn gesteld. Het hof stelt de zekerheid vast op €19.044,-, gebaseerd op vier proceshandelingen en verschotten, en wijst het verzoek tot wederzijdse zekerheidstelling af. De vorm van zekerheid wordt niet vooraf bepaald en de termijn voor zekerheidstelling is acht weken na uitspraak.
De beslissing over proceskosten wordt aangehouden tot het eindarrest in de hoofdzaak en verdere beslissingen worden aangehouden. De zaak wordt verwezen voor uitlating over de zekerheidstelling.
Uitkomst: Dofoho wordt bevolen binnen acht weken zekerheid te stellen voor €19.044,- aan proceskosten, op straffe van niet-ontvankelijkheid.