ECLI:NL:GHAMS:2023:3523
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Wrakingsverzoek te laat ingediend en niet-ontvankelijk verklaard door Gerechtshof Amsterdam
Verzoekster, Monticello Limited, diende een wrakingsverzoek in tegen de raadsheren die haar hoger beroep behandelen bij het Gerechtshof Amsterdam. Het verzoek betrof vermeende partijdigheid en schending van artikel 6 EVRM Pro, onder meer vanwege een bewijsopdracht in een tussenarrest en eerdere uitspraken van een van de raadsheren.
De wrakingskamer oordeelde dat het wrakingsverzoek te laat was ingediend. De feiten en omstandigheden waarop het verzoek was gebaseerd, waren verzoekster al bij het tussenarrest van 14 februari 2023 bekend, terwijl het verzoek pas op 20 oktober 2023 werd ingediend. Ook het aanvullende wrakingsverzoek was te laat, aangezien het gebaseerd was op een vonnis van 30 augustus 2023 en pas op 28 november 2023 werd ingediend.
Verzoekster gaf geen voldoende rechtvaardiging voor het tijdsverloop. De wrakingskamer stelde dat een wrakingsverzoek direct na bekendwording van de feiten moet worden ingediend om onnodige vertraging te voorkomen. De kamer kwam daardoor niet toe aan een inhoudelijke beoordeling van de wrakingsgronden en verklaarde verzoekster niet-ontvankelijk.
De beslissing werd uitgesproken door mrs. J.F. Aalders, H.A. van den Berg en E.M. de Stigter op 11 december 2023, in aanwezigheid van mr. C.M. Dermout als griffier.
Uitkomst: De wrakingskamer verklaart het wrakingsverzoek van verzoekster niet-ontvankelijk wegens te late indiening.