ECLI:NL:GHAMS:2023:2333
Gerechtshof Amsterdam
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Moeder zonder gezag niet-ontvankelijk in hoger beroep voogdijoverdracht dochter
De zaak betreft het hoger beroep van de moeder tegen de beschikking van de rechtbank Noord-Holland waarin het Leger des Heils werd ontslagen als voogd en de pleegouders werden benoemd tot voogd over haar dochter, die sinds kort na geboorte bij pleegouders woont.
De moeder, die sinds 17 februari 2021 geen gezag meer heeft, betoogde dat de voogdijoverdracht haar recht op gezinsleven met haar dochter rechtstreeks raakt en dat zij daarom belanghebbende is in de procedure. Het hof overwoog dat de moeder sinds de uithuisplaatsing geen contact meer heeft gehad met haar dochter en dat ook de voogdijoverdracht geen directe invloed heeft op haar rechten en verplichtingen.
Verder stelde het hof vast dat er geen aanwijzingen zijn dat de voogdijoverdracht het contact tussen moeder en dochter zal belemmeren, mede omdat pleegouders en betrokken instanties het belang van contact inzien en faciliteren. Gelet hierop oordeelde het hof dat de moeder niet als belanghebbende kan worden aangemerkt en verklaarde haar niet-ontvankelijk in het hoger beroep.
Uitkomst: De moeder wordt niet-ontvankelijk verklaard in haar hoger beroep tegen de voogdijoverdracht.