ECLI:NL:GHAMS:2022:378
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Geen schending informatieplicht pensioenfonds bij wijziging omrekenfactoren
Appellant ontving in 2016 en 2017 Uniform Pensioen Overzichten (UPO's) met verschillende pensioenaanspraken, waarbij in december 2016 en januari 2017 nieuwsflitsen werden verzonden over een wijziging van de omrekenfactoren per 1 juli 2017. Appellant stelde dat het pensioenfonds hem onvoldoende concreet had geïnformeerd over de gevolgen van deze wijziging, met name dat vervroegd pensioen leiden tot een hoger bedrag.
Het hof overwoog dat appellant redelijkerwijs had moeten begrijpen welk pensioenbedrag hij vanaf 5 november 2017 zou ontvangen. De brief van 9 april 2017 vermeldde het lagere bedrag op basis van de nieuwe omrekenfactoren, en de nieuwsflitsen en digitale pensioenplanner maakten de wijziging tijdig en duidelijk kenbaar. Het pensioenfonds hoefde niet individueel te adviseren over de financiële gevolgen van de wijziging.
Het hof concludeerde dat het pensioenfonds niet in strijd had gehandeld met de artikelen 7:611 BW, 6:162 BW, noch met de eisen van redelijkheid en billijkheid. Ook rustte geen bijzondere zorgplicht op het fonds vanwege de buitenlandse werkzaamheden van appellant. De grieven van appellant werden verworpen en het hof bekrachtigde het bestreden vonnis.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis en oordeelt dat het pensioenfonds voldoende heeft geïnformeerd over de wijziging van omrekenfactoren.