Uitspraak
GERECHTSHOF AMSTERDAM
1.Het geding in hoger beroep
2.De feiten
35% bij opdracht, te betalen binnen 8 dagen.
35% bij aanvang installaties E&W*, te betalen binnen 8 dagen.
20% nadat stukwerk gereed is, te betalen binnen 8 dagen.
10% direct na oplevering van het werk, te betalen binnen 8 dagen.
second opinioneen inspectie van het binnenschilderwerk plaatsgevonden door [naam 3] van [bedrijf 1] (hierna: [naam 3] ). Op 9 augustus 2016 heeft hij de volgende waarnemingen aan [geïntimeerde] kenbaar gemaakt:
Slecht ‘besnijwerk’ op wanden, waardoor plekken leken overgeslagen, vooral in de hoeken en langs de plafonds.
Onregelmatige zuiging van muurverf op wanden (op enkele plaatsen).
Kitwerk hier en daar niet regelmatig of overgeslagen.
Afwerklaag streperig met de kwast, dan weer grof gerold.
Diverse types verf en kleurverschillen geconstateerd.
Slecht bijgeplamuurd, Op enkele plekken diepe oneffenheden.
Grof-of zanderig aanvoelende ondergrond, vooral in trappenhuis.
‘Heilige Dagen’, ofwel plekjes die zijn overgeslagen.
Schilderwerk;naast de inhoudelijke opmerkingen bij de diverse te noemen onderdelen kan er in het algemeen gesteld worden; verfwerk is slecht geschuurd. Het schemert op vele plaatsen door, zowel sauswerk als schilderwerk. Druipers in het werk, sloten en scharnieren deels wel en deels niet geschilderd, bovenkanten van de kamer en suite maar ook de architraven en ramen en deuren niet en soms slechts gering behandeld. Glaswerk zit onder de verf, mn het glas in lood van de 2 kastjes in de kamer en suite.
Schouw; natuursteen is opgeknapt maar er zitten nog veel zaken scheef, ontbreekt een behoorlijke afwerking bij de natuursteen delen onderling. Duidelijk geen werk van een natuursteen bedrijf maar een eigen knutselwerk. Misschien goed bedoeld maar het effect is dat het nu onherstelbaar is verknoeid.
druipers/zakkers in het schilderwerk van zowel nieuw als bestaand hout.
vervuiling aanwezig is in de verf (meegeschilderde stofdeeltjes)
duidelijk zichtbare kwaststreken
er is gebruik gemaakt van zowel een verfroller als een kwast op het zelfde onderdeel, waardoor structuur verschil zichtbaar is
reparaties van kozijnen/deuren zijn niet of onvolledig uitgevoerd
onderdelen zijn niet afgelakt (…)
diverse houtconstructies/aftimmeringen geschilderd zijn met muurverf
3.De beoordeling
3.8 De kantonrechter heeft ten aanzien van de door [geïntimeerde] gevorderde boetebedragen overwogen dat het daartoe door [geïntimeerde] gestelde niet tot de conclusie leidt dat [appellante] heeft ingestemd met een uiterste oplevering op 1 juni 2016 noch dat een andere bouwtijd is overeengekomen, hetgeen ook volgens [appellante] niet het geval was. De opzegging van de huurovereenkomst van de vorige woning van [geïntimeerde] noch de communicatie tussen partijen is daartoe voldoende. De overige gang van zaken en het overeenkomen van meerwerk mede bezien, hebben de kantonrechter doen oordelen dat [appellante] ter zake geen verwijt kan worden gemaakt. In hoger beroep heeft [geïntimeerde] aangevoerd dat [appellante] niet pas na 18 maart 2016 (de datum van ondertekening door [geïntimeerde] van de juiste offerte) de werkzaamheden was begonnen, maar al op 14 maart 2016.
second opinionalleen gericht op het schilderwerk, terwijl [bedrijf 4] zich richtte op alle werkzaamheden, waardoor ervan uit mag worden gegaan dat [naam 3] een secuurder beeld heeft gegeven. Het hof kan zich vinden in deze benadering waarbij meer waarde wordt gehecht aan de specialist. Dat de offerte van [naam 3] , die blijkens de inhoud is gebaseerd op een nadere inspectie, los staat van de
second opinionvan [naam 3] waarin geen bedrag is genoemd, maakt niet dat de offerte niet zou kunnen worden gevolgd, zoals nog door [appellante] betoogd. Het uitgangspunt dat de geoffreerde prijs kennelijk de te betalen prijs voor het uitvoeren van het schilderwerk is en dus de hoogte van de kosten ter zake, is niet onjuist. Volgens [appellante] volgt uit het inspectieresultaat van [bedrijf 3] dat de verflaag die al aanwezig was vóór [appellante] met haar werkzaamheden begon, ondeugdelijk was. Dit kan niet aan [appellante] worden verweten, aldus [appellante] , omdat de aannemingsovereenkomst niet voorzag in verwijdering van bestaande verflagen. [appellante] kan zich als vakman echter niet achter dit argument verschuilen. Het hof oordeelt met [geïntimeerde] dat [appellante] ook verantwoordelijk was voor bewerking van de ondergrond aangezien dit onderdeel vormt van goed en deugdelijk schilderwerk. [appellante] heeft althans onvoldoende toegelicht waarom zij in dit geval de staat van de ondergrond heeft mogen negeren. [appellante] heeft ten slotte aangevoerd dat uit de beschrijving van de werkzaamheden door [naam 3] volgt dat het schilderwerk van [appellante] niet volledig ongedaan wordt gemaakt, maar als grondlaag dient en het niet redelijk is dat [geïntimeerde] daarvoor in het geheel geen vergoeding aan [appellante] zou hoeven te voldoen. [appellante] ziet hierbij echter over het hoofd dat [geïntimeerde] slechts de extra gemaakte kosten verrekent met het resterende aan [appellante] te betalen bedrag voor het door [appellante] uitgevoerde werk. [geïntimeerde] vordert (in conventie) het al door haar betaalde bedrag niet terug. [geïntimeerde] heeft daarmee dus ook betaald voor het door [appellante] verrichte schilderwerk. Dat het schilderwerk slechts nog opleverpunten betrof, zoals volgens [appellante] door een medewerker van [bedrijf 5] na lezing van het technisch systeemadvies van [bedrijf 3] is verklaard in een in hoger beroep in de procedure gebracht e-mailbericht, is in vergelijking met de rapportage van de zijde van [geïntimeerde] een op te vluchtige basis tot stand gekomen conclusie, die daarom niet zal worden gevolgd.