Uitspraak
GERECHTSHOF AMSTERDAM
1.Het geding in hoger beroep
2.Beoordeling
“het meer of anders gevorderde”(in principaal en incidenteel appel) reeds afgewezen.
Gerechtshof Amsterdam
In deze civiele zaak in hoger beroep heeft het Gerechtshof Amsterdam op 4 oktober 2022 een arrest gewezen waarbij een vermeerderde eis van geïntimeerde grotendeels werd toegewezen, maar de vordering tot wettelijke rente werd afgewezen zonder nadere motivering.
Geïntimeerde verzocht het hof het arrest aan te vullen en alsnog de wettelijke rente toe te wijzen op grond van artikel 32 Rv Pro. Appellant verzette zich tegen dit verzoek.
Het hof oordeelde dat het verzuimd had te beslissen over de wettelijke rente, maar dat deze vordering niet toewijsbaar is omdat na vernietiging van het oneerlijke rentebeding geen aanspraak bestaat op wettelijke rente volgens aanvullend nationaal recht, zoals bevestigd door het HvJ EU-arrest van 27 januari 2021.
Daarom wees het hof het verzoek tot aanvulling van het arrest af en bevestigde het arrest van 4 oktober 2022. Het arrest werd op 22 november 2022 door het hof in openbaar uitgesproken.
Uitkomst: Het hof wijst het verzoek tot aanvulling van het arrest af en bevestigt de afwijzing van de wettelijke rente.