Bij de bouw van de Galaxy Tower in Utrecht ontstond een geschil tussen de ontwikkelaar en de aannemer. De aannemer schortte begin oktober 2022 haar werkzaamheden op en riep haar retentierecht in vanwege vermeende betalingsachterstanden. De voorzieningenrechter veroordeelde de aannemer op 19 oktober 2022 tot hervatting van de werkzaamheden onder dreiging van een dwangsom.
In hoger beroep vernietigt het hof dit vonnis voor zover het de conventionele vorderingen betreft en formuleert het twee voorwaarden waaronder de aannemer haar werkzaamheden mag opschorten: betaling door de ontwikkelaar van € 3 miljoen binnen 10 dagen en betaling van toekomstige termijnen zolang geen nieuw termijnschema is overeengekomen, mits de aannemer haar werkzaamheden voortvarend verricht. Het hof bekrachtigt het vonnis voor zover het de reconventionele vorderingen betreft.
Het hof oordeelt dat de ontwikkelaar een betalingsachterstand heeft en dat de aannemer gerechtvaardigd is in haar opschorting, tenzij aan de voorwaarden wordt voldaan. Beide partijen dragen hun eigen proceskosten in eerste aanleg en hoger beroep. De uitspraak is uitvoerbaar bij voorraad.