Uitspraak
zaak Adat:
1.primairhij op of omstreeks 19 april 2018 te Amsterdam op de openbare weg Hakfort, in elk geval op een openbare weg met het oogmerk van wederrechtelijke toeëigening heeft weggenomen een (personen)auto ( merk Volkswagen Polo, kenteken [kenteken]), in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer 1], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte, welke diefstal werd voorafgegaan en / of vergezeld en / of gevolgd van geweld en / of bedreiging met geweld tegen [slachtoffer 2] en/of [slachtoffer 3], gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en / of gemakkelijk te maken en / of om bij betrapping op heterdaad aan zichzelf de vlucht mogelijk te maken, en / of het bezit van het gestolene te verzekeren, welk geweld en / of welke bedreiging met geweld hierin bestond(en) dat hij, verdachte- die [slachtoffer 2] en/of die [slachtoffer 3] opzij heeft geduwd en/of- een slaande beweging met zijn vuist in de richting van het hoofd en/of het lichaam van die [slachtoffer 2] heeft gemaakt;
2.subsidiairhij op of omstreeks 19 april 2018 te Amsterdam [slachtoffer 2] en/of [slachtoffer 3] heeft bedreigd met enig misdrijf tegen het leven gericht en/of met zware mishandeling, door met een (personen)auto op die [slachtoffer 2] en/of die [slachtoffer 3] af te rijden/in te rijden;
zaak Bdat:
- tegen die [slachtoffer 4] heeft gezegd dat hij haar wilde neuken en/of
- (de arm(en) en/of hand(en) van die [slachtoffer 4] (met kracht) heeft vastgepakt en/of
- voor die [slachtoffer 4] is gaan staan en/of vervolgens in een hoek heeft gedreven en/of haar de doorgang heeft belemmerd en/of
- die [slachtoffer 4] in/tegen het gezicht heeft geslagen en/of
- en/of (meermalen) de (met kleding bedekte) borst(en) en/of bil(len) heeft vastgepakt en/of betast;
- uit het (meermalen) vastpakken en/of betasten van de (met kleding bedekte) borst(en) en/of bil(len) van die [slachtoffer 4]
en bestaande dat geweld of die andere feitelijkhe(i)d(en) en/of die bedreiging met geweld en/of die andere feitelijkhe(i)d(en)
- uit het (met kracht) vastpakken van de hand(en) en/of arm(en) van die [slachtoffer 4] en/of
- het tegen die [slachtoffer 4] zeggen dat hij haar wilde neuken en/of
- het slaan in het gezicht van die [slachtoffer 4] en/of
- het in een hoek drijven en/of het belemmeren van de doorgang van die [slachtoffer 4].
zaak Adat:
1.hij op 19 april 2018 te Amsterdam op de openbare weg, het Hakfort, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen een personenauto (merk Volkswagen Polo, kenteken [kenteken]), toebehorende aan [slachtoffer 1], welke diefstal werd voorafgegaan door geweld tegen [slachtoffer 2] en [slachtoffer 3], gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden, welk geweld hierin bestond dat hij, verdachte, [slachtoffer 2] en [slachtoffer 3] (opzij) heeft geduwd en een slaande beweging met zijn vuist in de richting van het lichaam van [slachtoffer 2] heeft gemaakt;
2.primairhij op 19 april 2018 te Amsterdam ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om aan [slachtoffer 2] en [slachtoffer 3] opzettelijk zwaar lichamelijk letsel toe te brengen, met dat opzet met een personenauto met meer dan geringe snelheid op [slachtoffer 2] en [slachtoffer 3] is afgereden/ingereden, terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;
zaak Bdat:
1.subsidiairhij op 4 april 2018 te Amsterdam door geweld en andere feitelijkheden [slachtoffer 4] heeft gedwongen tot het dulden van ontuchtige handelingen, bestaande uit het vastpakken en/of betasten van de borsten en billen van [slachtoffer 4], en bestaande dat geweld of die andere feitelijkheden uit het (met kracht) vastpakken van de hand en arm van [slachtoffer 4] en het tegen [slachtoffer 4] zeggen dat hij haar wilde neuken en het slaan in het gezicht van [slachtoffer 4] en het belemmeren van de doorgang aan die [slachtoffer 4].
(i) De verdachte lijdt aan schizofrenie. Ten tijde van het eerste rapport kon bij hem worden gesproken van een psychotisch beeld. Ten tijde van het derde rapport stonden desorganisatie en negatieve symptomen (zoals terugtrekgedag, veel slapen en slechte zelfzorg) op de voorgrond, hetgeen wijst op een verval als gevolg van een chronisch psychotisch proces. Daarnaast heeft de verdachte een gedrags- en leefpatroon met antisociale kenmerken, maar op basis van het huidige onderzoek kon niet worden vastgesteld of de verdachte is behept met een antisociale persoonlijkheidsstoornis.
(ii) Het duurzame (het hof begrijpt: chronisch psychotische) functioneren van de verdachte was ook aan de orde in de periode rondom en ten tijde van het tenlastegelegde. In dat verband hebben de deskundigen gewezen op een reeks omstandigheden die indicatief zijn voor een psychotische ontregeling als gevolg van de psychotische stoornis.
(iii) De mate van de ontregeling konden zij echter niet vaststellen en dus evenmin de (mate van) doorwerking van die stoornis in de tenlastegelegde gedragingen, vooral omdat de verdachte deze gedragingen heeft ontkend. De deskundigen hebben zich dan ook onthouden van een advies over het al dan niet toerekenen van die gedragingen aan de verdachte.
(iv) Vanwege de ontkennende houding van de verdachte, hebben de gedragskundigen niet kunnen onderbouwen of de pathologie van de verdachte in de toekomst zal leiden tot soortgelijke gedragingen. Wel hebben zij er, meer in het algemeen, op gewezen dat de verdachte lijdt aan een chronische psychische aandoening en dat het hem aan ziektebesef ontbreekt, waardoor hij niet zelfstandig behandeling zal zoeken of accepteren. Hij is niet zelfstandig in staat tot een acceptabel sociaal-maatschappelijk bestaan te komen. Het daarmee samenhangende risico op maatschappelijke teloorgang, leidt tot toename van het risico op justitiële contacten in het algemeen. Uit het derde rapport blijkt verder dat de verdachte in februari 2021 vanwege een ontregeld psychisch beeld is opgenomen op de crisis afdeling van het PPC. Vanaf dat moment is gestart met dwangmedicatie (Olanzapine 10mg, een antipsychoticum). Daarna werd een duidelijke verbetering van zijn toestandsbeeld waargenomen. Hij vertoonde minder passief gedrag, liet zich steeds meer aansturen en stelde zich coöperatief op. Nadat de dosering antipsychotica werd verhoogd naar 30 mg, namen de psychotische gedragingen verder af, hoewel hand-in-hand begeleiding noodzakelijk bleef. Recentelijk kon de dosering weer worden verlaagd naar 20 mg.
(v) Duidelijk is dat er voor de verdachte een noodzaak bestaat voor langdurige zorg in de vorm van structuur, begeleiding en behandeling. Weliswaar hebben zich in de afgelopen detentieperiode geen incidenten meer voorgedaan, maar dit hangt samen met het gebruik van medicatie en de hoge mate van structuur die de verdachte in het PPC wordt geboden. Een hoog beveiligingsniveau is daarentegen niet noodzakelijk; dat van een FPK of FPA wordt voldoende geacht. Binnen een dergelijke klinische setting kunnen vervolgens de mogelijkheden voor resocialisatie worden onderzocht. Aangezien de psychiater en de psycholoog (vanuit gedragskundig perspectief) geen kans zagen om een verband tussen de geconstateerde psychiatrische problematiek en de tenlastegelegde feiten te onderbouwen, hebben zij geen concreet antwoord gegeven op de vraag binnen welk juridisch kader die interventies precies zouden moeten worden gerealiseerd. Ingeval het hof, net als de rechtbank, de TBS-maatregel zou overwegen, hebben zij vanuit gedragskundig perspectief, in overweging gegeven deze maatregel met voorwaarden op te leggen.
- het de verdachte aan ziektebesef ontbreekt en hij niet zelfstandig behandeling zoekt of accepteert;
- hij van 2011 tot aan de meest recente rapportage niet of slechts (zeer) beperkt heeft meegewerkt aan (forensisch) psychologisch en psychiatrisch onderzoek;
- hij vanaf het begin van zijn detentie in het PPC (april 2018) tot aan februari 2021 heeft geweigerd de medicatie in te nemen die hij voorgeschreven kreeg en/of in het ongewisse heeft gelaten of hij die medicatie innam; en
- hij ook tijdens de meest recente rapportage te kennen heeft gegeven de noodzaak voor de inname van medicatie niet te zien.
- zich onthoudt van het plegen van een strafbaar feit;
- medewerking verleent aan reclasseringstoezicht, zich houdt aan een meldplicht en de aanwijzingen van de reclassering opvolgt;
- zich klinisch laat behandelen bij FPK Inforsa te Amsterdam en de aanwijzingen in het kader van die behandeling opvolgt;
- zich (aansluitend op de klinische opname) op ambulante basis laat behandelen;
- de medicatie die door zijn behandelaars wordt voorgeschreven inneemt;
- meewerkt aan het vinden en het behoud van passende huisvestiging, ook als die bestaat uit het verblijf bij een instelling voor beschermd wonen of maatschappelijke opvang;
- zich niet zonder toestemming van de reclassering op een ander adres vestigt;
- medewerking verleent aan de opname in een FPK of FPC in het kader van een time-out indien dit noodzakelijk wordt geacht;
- geen drugs of alcohol gebruikt en zich hierop laat controleren;
- meewerkt aan het vinden van passend werk of een andere zinvolle dagbesteding;
- niet zonder toestemming van de reclassering naar het buitenland reist;
- openheid geeft over zijn sociale netwerk, relaties en seksualiteit;
- inzage geeft in zijn financiële situatie en zo nodig zijn medewerking verleent aan een schuldsaneringstraject.
gevangenisstrafvoor de duur van
12 (twaalf) maanden.
ter beschikking wordt gesteld, onder de voorwaarden dat de verdachte:
maatregel strekkende tot gedragsbeïnvloeding of vrijheidsbeperkingals bedoeld in artikel 38z van het Wetboek van Strafrecht.
mr. R.J. den Arend, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van dit gerechtshof van 26 januari 2022.