In deze strafzaak stond de verdachte terecht voor het rijden met een ongeldig verklaard rijbewijs op 24 september 2020 te Bentveld. De politierechter sprak de verdachte vrij, maar het openbaar ministerie ging in hoger beroep.
Het gerechtshof Amsterdam oordeelde dat de verdachte redelijkerwijs had moeten weten dat zijn rijbewijs ongeldig was verklaard en dat hij toch een personenauto bestuurde. Dit handelen vormde een overtreding van artikel 9, tweede lid, van de Wegenverkeerswet 1994.
Hoewel de ernst van het feit een onvoorwaardelijke gevangenisstraf zou rechtvaardigen, hield het hof rekening met eerdere soortgelijke veroordelingen van de verdachte en besloot af te zien van een gevangenisstraf. Uiteindelijk werd een taakstraf van 30 uur opgelegd, met een voorwaardelijke hechtenis van 15 dagen als vervangende sanctie bij niet-nakoming.