ECLI:NL:GHAMS:2021:37
Gerechtshof Amsterdam
- Raadkamer
- Rechtspraak.nl
Afwijzing hoger beroep tegen bevel tot voorlopige hechtenis wegens handel in verdovende middelen
Het gerechtshof Amsterdam behandelde het hoger beroep van verdachte tegen het bevel tot voorlopige hechtenis van de rechtbank Noord-Holland, locatie Haarlem. De verdachte was eerder in voorlopige hechtenis geweest in een ander onderzoek, maar dit stond de huidige hechtenis niet in de weg.
Na nader onderzoek, waaronder telecommunicatiegegevens en nieuwe getuigenverklaringen, werd een grotere rol van de verdachte in de handel in verdovende middelen en deelname aan een criminele organisatie vastgesteld. Het hof onderschreef de motivering van de rechter-commissaris met betrekking tot ernstige bezwaren en herhalingsgevaar.
Het verzoek tot schorsing van de voorlopige hechtenis werd afgewezen omdat het belang van de verdachte bij invrijheidstelling niet opwoog tegen de maatschappelijke veiligheid. Ook de medische situatie van de verdachte bood geen aanleiding tot schorsing.
De beschikking van de rechtbank werd bevestigd en het beroep tegen de voorlopige hechtenis werd afgewezen.
Uitkomst: Het hoger beroep tegen het bevel tot voorlopige hechtenis wordt afgewezen en de voorlopige hechtenis wordt bevestigd.