ECLI:NL:GHAMS:2021:3096
Gerechtshof Amsterdam
- Raadkamer
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beklag tegen niet-vervolging valsheid in geschrift, verduistering en witwassen bij hotelontwikkeling
Klaagsters deden aangifte van valsheid in geschrift, verduistering en witwassen naar aanleiding van vermeende onjuiste facturering en afspraken over projectmanagement en aandelen in een hotelontwikkelingsproject. Zij stelden dat de facturen van een betrokken BV valselijk waren opgemaakt en dat de vergoeding voor werkzaamheden al in het aandelenbelang was inbegrepen.
Beklaagden erkenden de mondelinge afspraken over het projectmanagement en kapitaalinbreng, maar betwistten dat de vergoeding uitsluitend in het aandelenbelang was begrepen. Zij stelden dat marktconforme vergoedingen voor de werkzaamheden waren overeengekomen en fiscaal verantwoord waren. De Ondernemingskamer had een tijdelijk bestuurder benoemd die bevestigde dat de werkzaamheden via een andere vennootschap moesten lopen.
Het openbaar ministerie seponeerde de zaak vanwege beperkte opsporingscapaciteit en het zakelijke karakter van het geschil, dat ook civiel wordt uitgevochten. Het hof beoordeelde of strafrechtelijke vervolging gerechtvaardigd was en concludeerde dat de uitleg en handelwijze van beklaagden niet zodanig onwaarschijnlijk waren dat strafbare feiten bewezen konden worden. Het beklag werd daarom ongegrond verklaard en afgewezen.
Uitkomst: Het hof wijst het beklag af en bevestigt het sepot van het openbaar ministerie.