ECLI:NL:GHAMS:2021:160
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Veroordeling poging tot verkrachting met bevestiging vonnis en aanpassing voorwaarden
Het gerechtshof Amsterdam behandelde het hoger beroep tegen het vonnis van de rechtbank Amsterdam waarin verdachte werd veroordeeld voor poging tot verkrachting van een vrouw op of omstreeks 15 juli 2018 in Amsterdam. De tenlastelegging omvatte onder meer het gebruik van geweld en bedreiging om het slachtoffer te dwingen tot seksuele handelingen.
Tijdens het hoger beroep werd het vonnis van de rechtbank bevestigd, met uitzondering van enkele bijzondere voorwaarden die werden vernietigd. Het hof oordeelde dat een gevangenisstraf van twaalf maanden, waarvan zes maanden voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar, passend en geboden is. De eerder opgelegde voorwaarden betreffende meldplicht bij GGZ Reclassering en behandeling bij De Waag werden geschrapt omdat deze niet langer meerwaarde boden.
Daarnaast werd een schadevergoedingsmaatregel opgelegd ten bedrage van €750,- voor immateriële schade aan het slachtoffer, met een maximale gijzelingstermijn van 15 dagen bij niet-betaling. Het hof constateerde een overschrijding van de redelijke termijn met iets meer dan twee maanden, maar zag geen aanleiding tot strafmatiging.
Het contactverbod met het slachtoffer blijft van kracht, waardoor de door de advocaat-generaal gevorderde gedragsbeïnvloedende maatregel niet werd opgelegd. Het arrest werd gewezen door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam op 25 januari 2021.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot twaalf maanden gevangenisstraf, waarvan zes maanden voorwaardelijk, met aanpassing van bijzondere voorwaarden en oplegging van schadevergoedingsmaatregel.