ECLI:NL:GHAMS:2020:533
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Nietige dagvaarding wegens ontbrekende betekening aan laatst opgegeven verblijfadres en buitenland
In deze strafzaak heeft het gerechtshof Amsterdam op 7 februari 2020 uitspraak gedaan over de geldigheid van de dagvaarding in hoger beroep. De verdachte, zonder vaste woon- of verblijfplaats, had als laatst opgegeven verblijfadres een adres in Nederland. De dagvaarding was niet uitgereikt aan dit adres omdat het niet bestond, maar aan de griffie van de rechtbank.
De verdachte verbleef niet in detentie en stond ingeschreven op een adres in Polen. Er was geen bewijs dat de dagvaarding, inclusief een Poolse vertaling, aan dit buitenlandse adres was verzonden, zoals vereist volgens artikel 588, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering.
Het hof oordeelde dat de dagvaarding niet op de wettelijk voorgeschreven wijze was betekend, waardoor deze nietig is. Omdat de verdachte niet is verschenen, kon het hoger beroep niet inhoudelijk worden behandeld. De dagvaarding werd daarom nietig verklaard.
De uitspraak werd gedaan door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam, waarbij één van de rechters niet kon medeondertekenen.
Uitkomst: De dagvaarding in hoger beroep wordt nietig verklaard wegens niet-naleving van betekeningseisen.