ECLI:NL:GHAMS:2020:4088
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging vonnis politierechter in hoger beroep handel in verdovende middelen
Het gerechtshof Amsterdam behandelde het hoger beroep tegen het vonnis van de politierechter in Amsterdam van 8 augustus 2019, waarin verdachte werd veroordeeld in verband met handel in verdovende middelen. Tijdens de behandeling op 7 oktober 2020 heeft het hof kennisgenomen van de vorderingen van de advocaat-generaal en de verdediging.
Het hof oordeelde dat het vonnis van de politierechter gehandhaafd blijft, met uitzondering van de door de advocaat-generaal gevorderde geldboete. Deze boete werd afgewezen omdat de handel in verdovende middelen niet aan verdachte was bewezen, waardoor verbeurdverklaring van het inbeslaggenomen geld niet mogelijk is. Het opleggen van een geldboete ter hoogte van dit bedrag zou neerkomen op een verkapte verbeurdverklaring, wat niet toelaatbaar is.
Het hof benadrukte dat het conservatoir beslag op het geldbedrag passend door het openbaar ministerie zal worden afgehandeld. De strafrechtelijke beslissing blijft daarmee ongewijzigd en de opgelegde taakstraf en overige sancties blijven van kracht.
Uitkomst: Het hof bevestigt de taakstraf en wijst de gevorderde geldboete af wegens ontbreken van bewezenverklaring handel in verdovende middelen.