ECLI:NL:GHAMS:2020:3195
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Verdachte niet-ontvankelijk verklaard in hoger beroep strafzaak
In deze strafzaak heeft het gerechtshof Amsterdam op 10 november 2020 uitspraak gedaan over de ontvankelijkheid van de verdachte in het hoger beroep tegen het vonnis van de rechtbank Noord-Holland van 3 november 2017.
De verdachte had hoger beroep ingesteld, maar tijdens het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep op 19 juli 2019 gaf de raadsvrouw aan dat de verdachte zijn oorspronkelijke bezwaren tegen het vonnis niet langer wenste te handhaven. Vervolgens heeft de raadsvrouw namens de verdachte een standpunt ingediend tot niet-ontvankelijkverklaring van de verdachte in het hoger beroep op grond van artikel 416, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering.
Het hof heeft vastgesteld dat er geen rechtens te respecteren belang bestaat bij verder onderzoek van de zaak. Daarom verklaart het hof de verdachte niet-ontvankelijk in het hoger beroep. Het arrest is gewezen door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam en uitgesproken op de openbare terechtzitting van 10 november 2020.
Uitkomst: Verdachte is niet-ontvankelijk verklaard in het hoger beroep.