Uitspraak
GERECHTSHOF AMSTERDAM
1.Het geding in hoger beroep
2.Feiten
3.Beoordeling
Aanmaning” en bevat de zinsnede “
Betaal voor 31 augustus 2012” en verderop de zin: “
Als wij uw betaling niet voor 31 augustus ontvangen, brengen wij u hiervoor wettelijke incassokosten in rekening”. Dit alles brengt mee dat deze brief is te beschouwen als een “schriftelijke aanmaning” in de zin van artikel 3:317 BW Pro, waaraan op grond van dat artikel stuitende werking toekomt, zonder dat de brief nog aan andere vereisten hoeft te voldoen. Overigens is het hof van oordeel dat die brief ook wel degelijk de in jurisprudentie bedoelde duidelijke waarschuwing bevat dat - kort gezegd - Nuon het niet erbij zou laten zitten.
Aanmaning” en bevat de zinsnede “
Betaal voor 15 februari 2013” en verderop de zin: “
Als wij uw betaling niet voor 15 februari 2013 ontvangen, brengen wij u hiervoor wettelijke incassokosten in rekening”. Hoewel de inhoud na de vorige brief een herhaling van zetten is, is ook deze brief onmiskenbaar een aanmaning, met stuitende werking, en tevens een voldoende waarschuwing dat Nuon betaling wenste en [geïntimeerde] haar bewijsmiddelen moest bewaren om de vordering desgewenst inhoudelijk te kunnen bestrijden.
Ter voorkoming van allerlei kostenverhogende maatregelen sommeren wij u binnen5 dagen na hedentot betaling van het verschuldigde over te gaan”. Deze sommatie maakt deze brief tot een schriftelijke aanmaning. Ook deze brief vormt bovendien een voldoende waarschuwing als hiervoor bedoeld.
Cliënte handhaaft derhalve ook de vordering en heeft ons verzocht verder te gaan met de incassoprocedure.
Wij hebben getracht opgemelde zaak in der minne met u te regelen.
In totaal is er thans door u verschuldigd een bedrag van (…).