ECLI:NL:GHAMS:2019:83
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep inzake aftrek specifieke zorgkosten en giften bij inkomstenbelasting 2014 en 2015
Belanghebbende, dakloos en met een postadres bij de gemeente, maakte in zijn aangiften inkomstenbelasting 2014 en 2015 aanspraak op aftrek van specifieke zorgkosten en giften. De inspecteur legde aanslagen op en wees de bezwaren af. De rechtbank verklaarde de beroepen ongegrond. Belanghebbende ging in hoger beroep.
De specifieke zorgkosten betroffen onder meer vervoer, geneesmiddelen (Chinese geneeskunde) en reiskosten. Het hof onderschreef het oordeel van de rechtbank dat deze kosten niet aftrekbaar zijn omdat belanghebbende geen bewijsstukken kon overleggen en niet aannemelijk maakte dat de geneesmiddelen op voorschrift van een arts waren verkregen. Ook de giftenaftrek werd afgewezen vanwege het ontbreken van betalingsbewijzen en de wettelijke eis van schriftelijke vastlegging bij periodieke giften.
Belanghebbende vroeg tevens om schadevergoeding, maar het hof bevestigde dat dit niet mogelijk is omdat de beroepen ongegrond zijn verklaard en de wet nadeelcompensatie niet van toepassing is op de Belastingdienstbesluiten in deze context. Het hoger beroep werd afgewezen en de uitspraken van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen en de uitspraken van de rechtbank bevestigd.