Uitspraak
GERECHTSHOF AMSTERDAM
.
Gerechtshof Amsterdam
Belanghebbende ontving op 21 juli 2017 een naheffingsaanslag parkeerbelasting van de gemeente Alkmaar. Na het indienen van een bezwaarschrift dat door de heffingsambtenaar als pro-forma werd geregistreerd, stelde belanghebbende beroep in tegen de beslissing op bezwaar. De rechtbank verklaarde dit beroep niet-ontvankelijk omdat er geen sprake was van een uitspraak op bezwaar. Belanghebbende stelde dat de brief van de heffingsambtenaar van 16 januari 2018 wel als zodanig kon worden beschouwd, maar het hof oordeelde dat dit niet het geval was.
Het hof bevestigde dat de brief geen formele uitspraak op bezwaar bevatte en dat de rechtbank terecht het beroep niet-ontvankelijk had verklaard. Daarnaast werd geoordeeld dat het niet indienen van een verweerschrift door de heffingsambtenaar geen gevolgen heeft voor de ontvankelijkheid van het beroep, aangezien het hof zich voldoende kon baseren op het eerdere verweer en de stukken uit de eerste aanleg.
Het hoger beroep werd derhalve ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. Tegen deze uitspraak staat beroep in cassatie open bij de Hoge Raad der Nederlanden.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de niet-ontvankelijkverklaring van het beroep bevestigd.