ECLI:NL:GHAMS:2019:2527

Gerechtshof Amsterdam

Datum uitspraak
8 juli 2019
Publicatiedatum
19 juli 2019
Zaaknummer
23-004309-18
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Hoger beroep
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 416 lid 2 Sv
Verwijzingen
1 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Niet-ontvankelijkheid verdachte in hoger beroep wegens ontbreken grieven

In deze zaak heeft het gerechtshof Amsterdam het hoger beroep behandeld tegen het vonnis van de politierechter te Amsterdam van 29 november 2018. Verdachte, geboren in 1983 en gedetineerd in Penitentiaire Inrichting Zaanstad, heeft geen schriftelijke grieven ingediend tegen het vonnis en ook geen mondelinge bezwaren geuit tijdens de terechtzitting van 8 juli 2019.

Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal en vastgesteld dat er geen rechtens te respecteren belang is om de zaak verder te onderzoeken. Op grond van artikel 416, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering heeft het hof de verdachte daarom niet-ontvankelijk verklaard in het hoger beroep.

De uitspraak is gedaan door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam, bestaande uit de rechters F.M.D. Aardema, E. van Die en B.A.A. Postma. Het arrest is uitgesproken op 8 juli 2019 tijdens een openbare terechtzitting. Vanwege omstandigheden kon mr. B.A.A. Postma het arrest niet medeondertekenen.

Uitkomst: Verdachte is niet-ontvankelijk verklaard in het hoger beroep wegens het ontbreken van grieven en een rechtens te respecteren belang.

Uitspraak

afdeling strafrecht
parketnummer: 23-004309-18
datum uitspraak: 8 juli 2019
VERSTEK (niet-gemachtigde raadsman)
Arrest van het gerechtshof Amsterdam gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Amsterdam van 29 november 2018 in de gevoegde strafzaken onder de parketnummers 13-706237-18 en 13-706246-18 tegen
[verdachte],
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag] 1983,
adres: [adres],
thans uit anderen hoofde gedetineerd in Penitentiaire Inrichting Zaanstad te Westzaan.

Onderzoek ter terechtzitting

Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep van 8 juli 2019.
Namens de verdachte is hoger beroep ingesteld tegen voormeld vonnis.
Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal.

Ontvankelijkheid van de verdachte in het hoger beroep

Door of namens de verdachte is geen schriftuur houdende grieven ingediend. Evenmin zijn mondeling bezwaren tegen het vonnis opgegeven. Ook overigens is niet gebleken van enig rechtens te respecteren belang dat is gediend met enig onderzoek van de zaak. Om die reden wordt de verdachte niet-ontvankelijk verklaard in het ingestelde hoger beroep, gelet op het bepaalde in artikel 416, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering.

BESLISSING

Het hof:
Verklaart de verdachte niet-ontvankelijk in het hoger beroep.
Dit arrest is gewezen door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam, waarin zitting hadden mr. F.M.D. Aardema, mr. E. van Die en mr. B.A.A. Postma, in tegenwoordigheid van mr. S. Bonset, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van dit gerechtshof van 8 juli 2019.
mr. B.A.A. Postma is buiten staat dit arrest mede te ondertekenen.