ECLI:NL:GHAMS:2019:1803
Gerechtshof Amsterdam
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Gezamenlijk gezag en hoofdverblijfplaats kinderen na relatiebreuk met geweldsincident
Partijen hadden een langdurige relatie waaruit drie kinderen zijn geboren. Na beëindiging van de relatie ontstond een conflict over gezag en verblijf van de kinderen, mede door een ernstig geweldsincident waarbij de moeder slachtoffer werd. De moeder verzocht om eenhoofdig gezag en hoofdverblijfplaats bij haar, terwijl de vader het gezamenlijk gezag wilde behouden met hoofdverblijfplaats bij hem.
De rechtbank stelde de kinderen onder toezicht en bepaalde de hoofdverblijfplaats bij de vader, met een zorgregeling waarbij de kinderen in het weekend bij de moeder verblijven. De moeder stelde hoger beroep in tegen deze beslissingen, maar werd niet-ontvankelijk verklaard voor verzoeken die te laat waren ingediend. Het hof oordeelde dat het gezamenlijk gezag passend is, omdat onvoldoende is gebleken dat de kinderen klem of verloren raken tussen de ouders en dat de hulpverlening kan bijdragen aan verbetering van de communicatie.
Het hof bevestigde dat de hoofdverblijfplaats bij de vader blijft, gelet op de vertrouwde omgeving van de kinderen en de draagkracht van de vader om het contact met de moeder te ondersteunen. De zorgregeling werd grotendeels bekrachtigd, met enkele aanpassingen in de overdrachtstijden. De moeder werd niet ontvankelijk verklaard in haar verzoeken omtrent het gebruiksrecht van de woning, schoolkeuze en consultatieplicht.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het gezamenlijk gezag en de hoofdverblijfplaats bij de vader met een ruime omgangsregeling voor de moeder.