Uitspraak
GERECHTSHOF AMSTERDAM
,
Gerechtshof Amsterdam
In deze zaak heeft het Gerechtshof Amsterdam het hoger beroep van SAM Recruitment Netherlands B.V. behandeld tegen een vonnis van de kantonrechter dat het concurrentiebeding van de werknemer, [geïntimeerde], schorst. [Geïntimeerde] trad per 1 april 2018 in dienst bij DIQQ B.V., een onderneming die niet als concurrent van SAM werd aangemerkt.
Het concurrentiebeding was zeer ruim geformuleerd en omvatte ook zusterondernemingen van SAM binnen de Ambitious People Group. SAM stelde dat [geïntimeerde] over bedrijfsgevoelige informatie beschikte die DIQQ een ongeoorloofde voorsprong zou geven, maar het hof vond dat SAM onvoldoende had geconcretiseerd welke specifieke kennis dit betrof en dat [geïntimeerde] geen toegang had tot systemen van Ardekay, een zusteronderneming actief in de IT-branche.
Het hof oordeelde dat het relatiebeding in de arbeidsovereenkomst voldoende bescherming bood voor de belangen van SAM en haar zusterondernemingen. Tevens werd vastgesteld dat [geïntimeerde] zijn arbeidspositie aanzienlijk verbeterde bij DIQQ. Gezien deze omstandigheden werd het concurrentiebeding als onbillijk benadelend voor de werknemer beoordeeld.
Daarom werd het vonnis van de kantonrechter bekrachtigd en werden de vorderingen van SAM in hoger beroep afgewezen. SAM werd veroordeeld in de kosten van het hoger beroep.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt de schorsing van het concurrentiebeding en wijst de vorderingen van SAM in hoger beroep af.