ECLI:NL:GHAMS:2018:3986
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak verdachte mishandeling na onduidelijkheid over toedracht incident
Op 29 mei 2017 ontstond een conflict tussen verdachte en zijn buurman, de aangever, over het volume van muziek. Tijdens het incident liep de aangever verwondingen aan zijn gezicht op. De aangever en getuigen verklaarden dat verdachte hem zonder aanleiding meerdere keren in het gezicht had geschopt. Verdachte en zijn familie verklaarden dat verdachte uit zelfverdediging handelde nadat de aangever agressief werd en hem bedreigde.
In hoger beroep heeft het hof vastgesteld dat de verklaringen van beide partijen elkaar tegenspreken en dat het dossier geen uitsluitsel geeft over de feitelijke toedracht. Het hof gaf verdachte het voordeel van de twijfel en oordeelde dat zijn handelen onder noodweer viel, omdat er sprake was van een dreigende en wederrechtelijke aanranding waartegen hij zich mocht verdedigen.
De vordering van het openbaar ministerie tot een werkstraf werd verworpen en verdachte werd vrijgesproken. De schadevergoeding van de benadeelde partij werd afgewezen omdat de mishandeling niet bewezen kon worden. Het hof bepaalde dat beide partijen hun eigen proceskosten dragen.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken van mishandeling wegens onvoldoende bewijs en slaagt het beroep op noodweer.