In deze zaak gaat het om een klacht van klagers tegen een notaris over onzorgvuldig en partijdig handelen bij het opstellen en passeren van een testament en notariële volmacht van hun moeder in 2014. Klagers stellen dat de notaris onvoldoende onderzoek heeft gedaan naar de wilsbekwaamheid van de moeder, die toen al tekenen van dementie vertoonde, en dat hij zich heeft laten leiden door de wensen van bepaalde broers.
De notaris voert aan dat hij een vast protocol volgt bij cliënten op leeftijd, waaronder het afnemen van een Mini-Mental State Examination (MMSE)-test, en dat hij de moeder afzonderlijk heeft gesproken in het bijzijn van een kandidaat-notaris. Hij stelt dat de moeder helder en wilsbekwaam was tijdens het gesprek en het passeren van de akten.
Het hof constateert echter dat uit de overgelegde stukken niet blijkt dat de MMSE-test daadwerkelijk is afgenomen bij de moeder en dat er onduidelijkheden zijn over de gang van zaken rondom het testament, de volmacht en de schenkingsakte. Daarom kan het hof nog geen oordeel geven over de zorgvuldigheid van de notaris en stelt het hem in de gelegenheid om bewijs te leveren, waaronder het horen van getuigen.
De verdere beslissing wordt aangehouden totdat de notaris de gevraagde informatie en bewijsstukken heeft ingediend en klagers hierop hebben kunnen reageren.