Uitspraak
1.Het geding in hoger beroep
2.Feiten
3.Beoordeling
gehanteerd.
uitgevoerd vóór aanvang van de werkzaamheden?
Gerechtshof Amsterdam
De gemeente Den Helder had een Europese aanbesteding uitgeschreven voor onkruid- en veegbeheer waarbij inschrijvers een VCA*-certificaat moesten overleggen. De combinatie waaronder [X] had ingeschreven met de op één na laagste prijs, terwijl Alba de opdracht kreeg gegund met de laagste prijs, maar zonder VCA*-certificaat. [X] stelde dat Alba uitgesloten had moeten worden wegens het ontbreken van een VCA* of gelijkwaardig certificaat.
De rechtbank stelde een deskundigenonderzoek in naar de gelijkwaardigheid van de Duitse certificaten van Alba met het VCA*. De deskundigen concludeerden bij meerderheid dat geen gelijkwaardigheid bestond. De rechtbank oordeelde dat de gemeente onrechtmatig had gehandeld door Alba niet uit te sluiten en kende schadevergoeding toe aan [X].
De gemeente stelde in hoger beroep meerdere grieven in, onder meer over de ontvankelijkheid van [X], de geldigheid van de inschrijving van de combinatie, de onafhankelijkheid en bruikbaarheid van het deskundigenbericht en de motivering van het oordeel over gelijkwaardigheid. Het hof verwierp alle grieven, bevestigde de deskundigenrapportage en het oordeel dat Alba geen gelijkwaardig certificaat had overgelegd, en bekrachtigde het vonnis.
Het hof veroordeelde de gemeente tot betaling van proceskosten en wees het meer of anders gevorderde af. De uitspraak benadrukt dat individuele leden van een combinatie schadevergoeding kunnen vorderen en dat de inschrijving van de combinatie niet ongeldig was ondanks ondertekening door één vennoot. Ook werd de werkwijze rond de benoeming van deskundigen als passend beoordeeld.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis dat de gemeente onrechtmatig handelde door Alba niet uit te sluiten en veroordeelt de gemeente tot kostenvergoeding aan [X].