ECLI:NL:GHAMS:2018:1564
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- M. Iedema
- M.L. Leenaers
- M.E. Hinskens - van Neck
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak moeder wegens niet-inschrijven kind op school vanwege richtingbezwaar
De moeder werd verdacht van het niet voldoen aan de inschrijvingsplicht van haar zoon, die leerplichtig werd op 18 september 2014, voor de periode van 1 oktober 2014 tot en met 9 februari 2015. Zij had echter tijdig een vrijstelling aangevraagd bij de gemeente op grond van richtingbezwaar, omdat zij wilde dat haar zoon onderwijs kreeg dat aansloot bij hun liberaal joodse levensovertuiging.
De rechtbank veroordeelde haar tot een geldboete, maar het gerechtshof vernietigde dit vonnis en legde een lagere boete op, deels voorwaardelijk. De Hoge Raad vernietigde dit arrest en verwees de zaak terug naar het gerechtshof voor hernieuwde beoordeling met inachtneming van de jurisprudentie.
Het hof oordeelde dat de moeder terecht een vrijstelling had aangevraagd en dat haar bezwaren tegen de richting van de beschikbare scholen, waaronder christelijke, islamitische, neutrale en joodse scholen, gegrond waren als richtingbezwaren in de zin van de Leerplichtwet 1969. De zoon zou niet worden toegelaten tot de joodse school Rosj Pina en de orthodox-joodse school Cheider paste niet bij hun levensovertuiging.
Daarom was niet wettig en overtuigend bewezen dat de moeder de leerplicht had overtreden. Het hof vernietigde het vonnis waarvan beroep en sprak haar vrij van de tenlastelegging.
Uitkomst: De verdachte wordt vrijgesproken omdat zij tijdig en terecht een vrijstelling op grond van richtingbezwaar heeft aangevraagd en daarmee niet wettig en overtuigend is bewezen dat zij de leerplicht heeft overtreden.