ECLI:NL:GHAMS:2018:1160

Gerechtshof Amsterdam

Datum uitspraak
10 april 2018
Publicatiedatum
11 april 2018
Zaaknummer
200.230.259/01 GDW
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Aangehouden
Procedures
  • Hoger beroep
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Verwijzingen
2 uitgaand · 2 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Tussenbeslissing in hoger beroep klacht tegen gerechtsdeurwaarder over overleg schriftelijke verklaringen

Klaagster heeft in hoger beroep beroep ingesteld tegen een eerdere beslissing van de kamer voor gerechtsdeurwaarders die haar klacht tegen de gerechtsdeurwaarder ongegrond verklaarde. Het hof behandelde de zaak op 5 april 2018 en besloot een tussenbeslissing te nemen.

Het hof gaat eerst in op het aanbod van klaagster om schriftelijke verklaringen van leidsters, aanwezig op het kinderdagverblijf op 23 december 2017, en het rooster van die dag over te leggen. De gerechtsdeurwaarder krijgt vervolgens de mogelijkheid om hier schriftelijk op te reageren.

Na ontvangst van deze stukken zal de zaak op de stukken worden afgedaan. De beslissing houdt verder elke andere beslissing aan totdat deze procedure is afgerond. Dit alles is uitgesproken in het openbaar op 10 april 2018.

Uitkomst: Het hof heropent het onderzoek en stelt partijen in de gelegenheid aanvullende stukken te overleggen en te reageren, waarna de zaak schriftelijk zal worden afgedaan.

Uitspraak

beslissing
___________________________________________________________________ _ _
GERECHTSHOF AMSTERDAM
afdeling civiel recht en belastingrecht
zaaknummer : 200.230.259/01 GDW
nummer eerste aanleg : C/13/623841 / DW RK 17/146
beslissing van de notaris- en gerechtsdeurwaarderskamer van 10 april 2018
inzake
[naam BV],
gevestigd te [plaats],
appellante,
gemachtigde: [naam],
tegen
[naam],
toegevoegd gerechtsdeurwaarder te [plaats],
geïntimeerde,
gemachtigde: mr. [naam].

1.Het geding in hoger beroep

1.1.
Appellante (hierna: klaagster) heeft op 21 december 2017 een beroepschrift - met bijlagen - bij het hof ingediend tegen de beslissing van de kamer voor gerechtsdeurwaarders te Amsterdam (hierna: de kamer) van 28 november 2017 (ECLI:NL:TGDKG:2017:204). De kamer heeft in de bestreden beslissing de klacht van klaagster tegen geïntimeerde (hierna: de gerechtsdeurwaarder) ongegrond verklaard
.
1.2.
De gerechtsdeurwaarder heeft op 30 januari 2018 een verweerschrift - met bijlagen - bij het hof ingediend.
1.3.
De zaak is behandeld ter openbare terechtzitting van het hof van 5 april 2018. De gemachtigde van klaagster, [naam] (werkzaam bij klaagster) en de gerechtsdeurwaarder, vergezeld van zijn gemachtigde, zijn verschenen en hebben het woord gevoerd; de gemachtigde van klaagster aan de hand van aan het hof overgelegde pleitnotities.

2.Beoordeling

2.1.
Het hof zal, alvorens inhoudelijk te beslissen, ingaan op het door klaagster (zowel in eerste aanleg als in hoger beroep) gedane aanbod tot het overleggen van de schriftelijke verklaringen van de leidsters die op 23 december 2017 aanwezig waren op het kinderdagverblijf en het rooster van die dag. Indien gewenst kan de gerechtsdeurwaarder daarop nog reageren. Vervolgens zal de zaak op de stukken worden afgedaan.
2.2.
Dit alles leidt tot de volgende beslissing.

3.Beslissing

Het hof:
- heropent het onderzoek;
- stelt klaagster in de gelegenheid voor 25 april 2018 aan het hof en de gerechtsdeurwaarder de hierboven onder 2.1. omschreven stukken over te leggen;
- bepaalt dat de gerechtsdeurwaarder binnen twee weken na ontvangst van bovengenoemde stukken daarop schriftelijk mag reageren;
- bepaalt dat de zaak vervolgens schriftelijk zal worden afgedaan;
- houdt elke verdere beslissing aan.
Deze beslissing is gegeven door mrs. J.C.W. Rang, L.J. Saarloos en A.W. Jongbloed en in het openbaar uitgesproken op 10 april 2018 door de rolraadsheer.