Uitspraak
GERECHTSHOF AMSTERDAM
1.Het geding in hoger beroep
2.Feiten
2.4
Report on investigating the average at sea’ uitgebracht met datum 16 april 2010, waarin onder meer is geconcludeerd: ‘
The cause of the average is Acts of God (force majeure circumstances) during the convoy navigation in hard ice conditions’. Voor dat rapport heeft de Havenmeester de beschikking gehad over gegevens van beide schepen alsmede hydrologische en meteorologische data. Bij dat onderzoek is ook de kapitein van de Mari Ugland betrokken.
Commercial Court of the Murmansk Region’te Moermansk (Russische Federatie), hierna de Commercial Court, de door Carrier Tanker tegen Ice Shipping ingestelde schadevordering afgewezen en als volgt geoordeeld, voor zover hier relevant, in de Engelse vertaling:
as the reason of the collision. Implication of any party in the incident was not found. The report on the results of investigation of the incident at sea was never appealed in compliance with Paragraph 40 (…) According to paragraph 1 of article 311 MSC (hof: Merchant Shipping Code
) in case if the collision of vessels occurred accidently or due to force majeure (…), damages are borne by the party who suffered them.
Thirteenth Commercial Appellate Court’te Sint-Petersburg (Russische Federatie) het door Ice Shipping ingestelde hoger beroep tegen de hiervoor bedoelde uitspraak verworpen en als volgt geoordeeld, voor zover hier van belang, in de Engelse vertaling:
Federal Commercial Court of the North-Western district’te Sint-Petersburg heeft bij uitspraak van 7 maart 2012 het cassatieberoep van Ice Shipping verworpen en als volgt geoordeeld, voor zover hier relevant, in de Engelse vertaling:
In support of the cassation appeal the appellant refers to the following:
3.Beoordeling
res iudicatatussen partijen zou worden). Zij beoogde daarmee haar rechten op schadevergoeding ter zake van de aanvaringsschade aan de Mari Ugland veilig te stellen.
Commercial appellate court of St Petersburg(2.9) houdt op dat punt kort samengevat in dat naar Russisch recht (art. 315 Merchant Pro Shipping Code van de Russische Federatie) het uitgangspunt is dat bij een aanvaring geen van de betrokken schepen schuld heeft, totdat het tegendeel bewezen wordt. Op basis van het bewijs, in het bijzonder het rapport van de Havenmeester, is de rechter tot het oordeel gekomen dat sprake was van een aanvaring
without any fault of the crew members of either of the vessels, omdat sprake was van force majeure. Daaraan wordt toegevoegd dat voor de kwalificatie als force majeure niet slechts het - in de winter gebruikelijke - feit dat de Witte Zee bevroren was onder ogen is gezien, maar met name het feit dat de karavaan
had to pass through a complicated part of the route (ice breccia, hummocking, compaction). Dit oordeel is in hoogste instantie in stand gebleven en kan in redelijkheid niet anders worden begrepen dan als een oordeel over de (afwezigheid van) aansprakelijkheid van beide schepen voor elkanders schade.
Casualty Investigation Code(IMO MSC 255.(84), hierna CIC). Dit bevat afspraken inzake onderzoeken ten behoeve van de scheepsveiligheid, die kunnen leiden tot adviezen aan (vlaggen)staten. Zij zijn niet bedoeld om aansprakelijkheid vast te stellen ten behoeve van een civiele procedure. Ice Shipping stelt en Carrier Tanker heeft niet betwist dat het rapport op enige punten niet voldoet aan de CIC. In het bijzonder is door de Havenmeester niet alle relevante informatie in zijn rapport betrokken, zoals de datarecordergegevens van de Mari Ugland. Daarnaast heeft Ice Shipping dat rapport pas heel laat ontvangen. Ice Shipping heeft dat in de Russische procedures ook aan de orde gesteld, doch de Russische rechter heeft haar bezwaren verworpen en Ice Shipping gewezen op de beroeps-/bezwaarmogelijkheid die Ice Shipping onbenut heeft gelaten.
equality of arms, gelegen in het laattijdig ontvangen door Ice Shipping van het rapport van de Havenmeester, hetgeen Ice Shipping in haar procesvoering zou hebben belemmerd, is in appel hersteld.