ECLI:NL:GHAMS:2017:4958

Gerechtshof Amsterdam

Datum uitspraak
28 november 2017
Publicatiedatum
1 december 2017
Zaaknummer
200.194.987/01
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Aangehouden
Procedures
  • Beschikking
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 198 Rv
Verwijzingen
3 uitgaand · 1 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Benoeming deskundige voor onderzoek constructiefouten afvoerleidingen appartement

In deze civiele zaak tussen appellant en de Vereniging van Eigenaren (VvE) heeft het Gerechtshof Amsterdam op 28 november 2017 een tussenbeschikking gegeven. Het hof benoemt een deskundige om te onderzoeken of de afvoerleidingen in het gebouw waar het appartement van appellant zich bevindt constructiefouten bevatten die leiden tot herhaalde verstoppingen in de keuken van het appartement.

Partijen hebben de gelegenheid gekregen te reageren op de voorgenomen benoeming van de deskundige en diens kostenbegroting. Het hof heeft geen aanleiding gezien om de te stellen vragen aan te passen en benadrukt dat de deskundige vrij is om in te gaan op aanvullende punten die partijen naar voren brengen.

De deskundige, Ing. E.P.G. Borgers, is belast met het onderzoek en moet een schriftelijk rapport indienen vóór 1 maart 2018. De kosten van het onderzoek worden verdeeld over appellant en de VvE, elk voor de helft. Het hof houdt verdere beslissingen aan totdat het deskundigenonderzoek is afgerond.

Uitkomst: Het hof benoemt een deskundige voor onderzoek naar constructiefouten in de afvoerleidingen en houdt verdere beslissingen aan.

Uitspraak

GERECHTSHOF AMSTERDAM

afdeling civiel recht en belastingrecht, team I
zaaknummer : 200.194.987/01
zaaknummer rechtbank Noord-Holland : 3299025 EJ VERZ 14-115
beschikking van de meervoudige burgerlijke kamer van 28 november 2017
inzake
[appellant] ,
wonend te [woonplaats] ,
appellant,
advocaat mr. F. Teuben te Haarlem,
tegen
VERENIGING VAN EIGENAARS [straatnaam] ,
gevestigd te [vestigingsplaats] ,
geïntimeerde,
advocaat: mr. B.F. Eblé te Haarlem.

1.Verder procesverloop

Partijen worden hierna (wederom) [appellant] en de VvE genoemd.
Het hof heeft op 9 mei 2017 een tussenbeschikking gegeven. Voor het eerdere verloop van het geding verwijst het hof naar die beschikking.
Op 6 juni 2017 heeft de griffie van beide partijen een brief, met bijlage, ontvangen, waarin partijen de in de tussenbeschikking gevraagde reactie hebben gegeven.
Partijen hebben de gelegenheid gekregen te reageren op de voorgenomen benoeming van de deskundige en diens kostenbegroting.
Vervolgens is uitspraak bepaald op heden.

2.Verdere beoordeling

2.1.
In overweging 3.4 van de tussenbeschikking heeft het hof vermeld behoefte te hebben aan nadere deskundige voorlichting en daarom voornemens te zijn één (ter zake van afvoerleidingen) deskundige te benoemen teneinde de vraag te beantwoorden of de afvoerleidingen in het gebouw waarin zich het appartement van [appellant] ( [adres 1] ) bevindt constructiefouten bevatten die tot gevolg hebben dat de afvoerleiding in de keuken van het appartement van [appellant] telkens verstopt raakt en, zo ja, hoe deze constructiefouten dienen te worden hersteld en wat dat dan gaat kosten. Het hof heeft partijen in de gelegenheid gesteld aan te geven of zij concrete suggesties hebben ten aanzien van de persoon van de te benoemen deskundige en/of de aan deze te stellen vraag of vragen.
2.2.
In hetgeen partijen vervolgens het hof hebben doen weten, ziet het hof geen aanleiding een andere vraag of andere vragen te formuleren dan zojuist vermeld. Dit neemt niet weg dat het de te benoemen deskundige vrijstaat, als hij daartoe aanleiding ziet, in te gaan op hetgeen door partijen in (de bijlage bij) voormelde brieven naar voren is gebracht.
2.3.
Thans zal worden beslist als volgt. Iedere verdere beslissing zal worden aangehouden.

3.Beslissing

Het hof:
beveelt een onderzoek door een deskundige ter beantwoording van de volgende vragen:
1. Bevatten de afvoerleidingen in het gebouw waarin zich het appartement van [appellant] bevindt constructiefouten die tot gevolg hebben dat de afvoerleiding in de keuken van het appartement van [appellant] telkens verstopt raakt?
2. Zo ja, hoe dienen deze constructiefouten te worden hersteld en wat gaat dat herstel kosten?
3. Heeft u overigens nog opmerkingen die voor de beoordeling van deze zaak van belang kunnen zijn?
benoemt tot deskundige om dit onderzoek te verrichten:
Ing. E.P.G. Borgers, verbonden aan Bureau voor Bouwpathologie BB,
Postbus 43
3480 DA Harmelen
telefoon: 0348-445629;
bepaalt dat de griffier een afschrift van deze beschikking aan de deskundige zal toezenden;
bepaalt dat beide partijen vóór 12 december 2017 kopieën van de overige gedingstukken aan de deskundige zullen doen toekomen, alsmede, na een verzoek daartoe van de deskundige, de andere door deze noodzakelijk geachte stukken, voor zover mogelijk;
wijst de deskundige op het bepaalde in artikel 198 Rv Pro, met name op de verplichting om bij het onderzoek partijen in de gelegenheid te stellen opmerkingen te maken en verzoeken te doen en om in het schriftelijk bericht te doen blijken dat aan dit voorschrift is voldaan, onder vermelding van de inhoud van de opmerkingen en/of verzoeken;
bepaalt dat de deskundige het onderzoek overigens zelfstandig – in de zin van artikel 198 lid 2 Rv Pro, dat wil zeggen niet onder leiding van het hof – zal verrichten en dat dit zal plaatsvinden op een door de deskundige te bepalen tijdstip;
bepaalt dat de deskundige een voorschot toekomt van € 4.000,=;
bepaalt dat zowel [appellant] als de VvE een bedrag van € 2.000,= dient te voldoen en daarvoor van het Landelijk Dienstencentrum voor de Rechtspraak een nota zal ontvangen met betaalinstructies; het bedrag moet (telkens) worden voldaan binnen twee weken na ontvangst van die nota;
bepaalt dat de griffier onmiddellijk na betaling van het desbetreffende (totale) voorschot de deskundige hiervan in kennis zal stellen en dat de deskundige pas dan met het onderzoek behoeft te beginnen;
bepaalt dat de deskundige een schriftelijk, ondertekend bericht zal inleveren ter griffie van het hof vóór 1 maart 2018;
bepaalt dat de deskundige tegelijk met dit bericht zijn declaratie ter griffie zal indienen onder vermelding van zaaknummer 200.194.987/01;
houdt iedere verdere beslissing aan.
Deze beschikking is gegeven door mrs. R.J.M. Smit, C. Uriot en M.A.J.G. Janssen en door de rolraadsheer in het openbaar uitgesproken op 28 november 2017.