Uitspraak
GERECHTSHOF AMSTERDAM
1.Het geding in hoger beroep
2.Feiten
Bijgaand bevestig ik dat ik niet meer gegevens heb dan ik reeds heb
door de
Gerechtshof Amsterdam
In deze zaak staat centraal of de verzekerde, [A], bij een wijziging van zijn arbeidsongeschiktheidsverzekering de mededelingsplicht heeft geschonden door het verzwijgen van rugklachten die al sinds circa 2002 bestonden. Aegon stelt dat [A] onjuiste informatie heeft verstrekt in de gezondheidsverklaring van 19 augustus 2004, wat leidt tot het vervallen van het recht op uitkering en beëindiging van de verzekering.
De rechtbank Noord-Holland wees de vorderingen van Aegon af, stellende dat artikel 251 Wetboek Pro van Koophandel (oud) niet van toepassing was op de wijziging van de eigen risico-termijn in 2004, omdat dit artikel alleen geldt bij het sluiten van een nieuwe verzekeringsovereenkomst. Het hof bevestigt dat dit artikel alleen van toepassing is bij het aangaan van een nieuwe verzekeringsovereenkomst en niet bij tussentijdse wijzigingen.
Het hof wijst erop dat het verweer van [A] over de toepasselijkheid van artikel 251 K (oud) pas in hoger beroep is aangevoerd, waardoor Aegon nog gelegenheid krijgt om hierop te reageren. Daarom wordt de zaak verwezen naar de rol voor het nemen van een akte door Aegon, en wordt verdere beslissing aangehouden.
Uitkomst: De zaak is aangehouden en verwezen voor nadere stukken en reactie van Aegon op het nieuwe verweer.