ECLI:NL:GHAMS:2017:1815

Gerechtshof Amsterdam

Datum uitspraak
17 mei 2017
Publicatiedatum
17 mei 2017
Zaaknummer
23-003147-16
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Veroordeling
Procedures
  • Hoger beroep
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 9a SrArt. 14a SrArt. 14b SrArt. 14c SrArt. 22c Sr
Verwijzingen
9 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Bevestiging diefstal fiets met gewijzigde strafoplegging in hoger beroep

In hoger beroep heeft het gerechtshof Amsterdam het vonnis van de politierechter bevestigd dat de verdachte schuldig is aan diefstal van een fiets. Het hof vernietigde echter de strafoplegging en bepaalde een nieuwe straf passend bij de ernst van het feit en het strafblad van de verdachte.

De verdachte is meerdere malen onherroepelijk veroordeeld voor diefstal, hetgeen meeweegt in de strafoplegging. Ondanks een verzoek van de raadsman om toepassing van artikel 9a Sr vanwege een positieve levenswending, acht het hof een straf noodzakelijk.

Het hof legde een taakstraf van 40 uur op, waarvan een deel niet ten uitvoer zal worden gelegd tenzij de verdachte zich binnen twee jaar aan een strafbaar feit schuldig maakt of de bijzondere voorwaarden niet naleeft. De verdachte moet zich gedurende de proeftijd onder toezicht van de Reclassering Nederland stellen en de voorschriften naleven.

Het vonnis van de politierechter wordt voor het overige bevestigd.

Uitkomst: De verdachte is veroordeeld tot een taakstraf van 40 uur met bijzondere voorwaarden en proeftijd van twee jaar.

Uitspraak

afdeling strafrecht
parketnummer: 23-003147-16
datum uitspraak: 17 mei 2017
TEGENSPRAAK (raadsman gemachtigd)
Arrest van het gerechtshof Amsterdam gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Noord-Holland van 11 augustus 2016 in de strafzaak onder parketnummer 15-115637-16 tegen
[verdachte],
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag] 1983,
adres: [adres].

Onderzoek van de zaak

Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep van 3 mei 2017 en, overeenkomstig het bepaalde bij artikel 422, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering, naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in eerste aanleg.
Tegen voormeld vonnis is namens de verdachte hoger beroep ingesteld.
Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal en van hetgeen door de raadsman naar voren is gebracht.

Vonnis waarvan beroep

Het hof verenigt zich met het vonnis waarvan beroep en zal dit derhalve bevestigen behalve ten aanzien van strafoplegging. In zoverre zal het vonnis worden vernietigd. Ten aanzien van de strafoplegging overweegt het hof als volgt.

Oplegging van straf

De politierechter in de rechtbank Noord-Holland heeft de verdachte voor het in eerste aanleg bewezen verklaarde veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van 1 maand
De advocaat-generaal heeft gevorderd dat de verdachte voor het ten laste gelegde zal worden veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van 3 weken.
De raadsman van de verdachte heeft ter terechtzitting in hoger beroep verzocht artikel 9a van het Wetboek van Strafrecht van toepassing te verklaren, nu de verdachte een positieve wending aan zijn leven heeft gegeven en het doorkruisen hiervan met een straf niet wenselijk is.
Het hof overweegt als volgt.
Gelet op de ernst van het feit en op het strafblad van de verdachte is het hof van oordeel dat een straf op zijn plaats is en niet kan worden volstaan met toepassing van artikel 9a van het Wetboek van Strafrecht. De verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan diefstal van een fiets. Blijkens een de verdachte betreffend uittreksel uit de Justitiële Documentatie van 19 april 2017 is hij met regelmaat onherroepelijk veroordeeld ter zake van diefstal. Dit heeft hem niet weerhouden opnieuw een diefstal te plegen, hetgeen in zijn nadeel weegt.
De verdachte is ná het onderhavige feit veroordeeld tot een vrijheidsstraf. In het verlengde van het bepaalde in artikel 63 van Pro het Wetboek van Strafrecht zal het hof hiermee rekening houden.
Het hof acht, alles afwegende, een taakstraf van na te melden duur passend en geboden.

Toepasselijke wettelijke voorschriften

De op te leggen straf is gegrond op de artikelen 14a, 14b, 14c, 22c, 22d en 310 van het Wetboek van Strafrecht.
Deze wettelijke voorschriften worden toegepast zoals geldend ten tijde van het bewezen verklaarde.

BESLISSING

Het hof:
Vernietigt het vonnis waarvan beroep ten aanzien van de strafoplegging en doet in zoverre opnieuw recht.
Veroordeelt de verdachte tot een
taakstrafvoor de duur van
40 (veertig) uren, indien niet naar behoren verricht te vervangen door
hechtenis.
Bepaalt dat een gedeelte van de taakstraf, groot
20 (twintig) uren, indien niet naar behoren verricht te vervangen door hechtenis, niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter anders mocht gelasten omdat de verdachte zich voor het einde van de proeftijd van
2 (twee) jarenaan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt of de verdachte gedurende de proeftijd van 2 (twee) jaren dan wel de hierna te noemen bijzondere voorwaarde niet heeft nageleefd.
Stelt als bijzondere voorwaarde dat de veroordeelde:
- zich gedurende de proeftijd stelt onder toezicht van de Reclassering Nederland en zich zal gedragen naar de voorschriften en aanwijzingen, door of namens deze instelling te geven.
Bevestigt het vonnis waarvan beroep voor het overige.
Dit arrest is gewezen door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam, waarin zitting hadden mr. A.M. van Amsterdam, mr. M.M.H.P. Houben en mr. P. Greve, in tegenwoordigheid van
mr. D.E.C. Velthuis, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van dit gerechtshof van 17 mei 2017.
Mr. Houben is buiten staat dit arrest mede te ondertekenen.