Uitspraak
2.De feiten
de manis het volgende gebleken.
de vrouwis het volgende gebleken.
Gerechtshof Amsterdam
Partijen, gehuwd sinds 1994 en gescheiden per 2 april 2015, zijn in hoger beroep gekomen tegen een alimentatiebeschikking waarbij de man een maandelijkse uitkering aan de vrouw moet betalen. De vrouw stelde een hogere behoefte vast dan de rechtbank had bepaald, terwijl de man een lagere uitkering wenste.
Het hof oordeelde dat de vrouw onvoldoende inzicht had gegeven in haar uitgaven tijdens het huwelijk, waardoor haar behoefte niet volledig aannemelijk was gemaakt. De rechtbank had de behoefte van de vrouw vastgesteld op basis van een behoeftelijst met oude bankafschriften, wat onvoldoende was. De vrouw kon ook in hoger beroep geen betere onderbouwing leveren.
Het hof verwierp daarom het principaal hoger beroep van de man en bekrachtigde de beschikking in incidenteel hoger beroep van de vrouw. Tevens wees het hof het schorsingsverzoek van de man af, aangezien zijn hoger beroep was ingetrokken.
Uitkomst: Het hof verwierp het hoger beroep van de man en bekrachtigde de beschikking in incidenteel hoger beroep van de vrouw.