ECLI:NL:GHAMS:2016:5882

Gerechtshof Amsterdam

Datum uitspraak
28 september 2016
Publicatiedatum
2 maart 2018
Zaaknummer
15/820535-16
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Raadkamer
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing hoger beroep tegen schorsing voorlopige hechtenis wegens mensensmokkel

Het gerechtshof Amsterdam behandelde het hoger beroep van verdachte tegen de beschikking van de rechtbank Noord-Holland die het verzoek tot schorsing van zijn voorlopige hechtenis had afgewezen. De zaak betrof verdenking van mensensmokkel waarbij verdachte zonder vaste woon- of verblijfplaats in Nederland verbleef en vastzat in het Detentiecentrum Schiphol.

Het hof nam kennis van het dossier, waaronder verklaringen van het Sluisteam en de Koninklijke Marechaussee, camerabeelden en reisgegevens van verdachte op 15 en 28 november 2015. Deze feiten leverden voldoende ernstige bezwaren op voor de verdenking van mensensmokkel, waarbij aanwijzingen waren dat verdachte zich meermaals met deze strafbare feiten bezighield.

Hoewel het hof zich verenigde met de beschikking van de rechtbank, vervielen de gronden van vluchtgevaar en waarheidsvinding. Het hof constateerde echter dat het recidivegevaar aanwezig was, mede doordat verdachte zijn levensonderhoud lijkt te voorzien door mensensmokkel. Gezien het ontbreken van een dringend belang van verdachte zag het hof geen aanleiding om de voorlopige hechtenis te schorsen.

Daarom wees het hof het beroep tegen de afwijzing van de schorsing van de voorlopige hechtenis af en handhaafde de gevangenhouding van verdachte. De beschikking werd op 28 september 2016 in raadkamer gegeven door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam.

Uitkomst: Het hof wijst het hoger beroep tegen de afwijzing van de schorsing van de voorlopige hechtenis af en handhaaft de gevangenhouding van verdachte.

Uitspraak

15/820535-16
GERECHTSHOF AMSTERDAM,
MEERVOUDIGE STRAFKAMER, RAADKAMER
BESCHIKKINGin raadkamer op het hoger beroep in de zaak van
[verdachte],
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag] 1972,
zonder vaste woon-of verblijfplaats hier te lande,
thans verblijvende in het huis van bewaring Detentiecentrum Schiphol te Badhoevedorp,
tegen de beschikking van de rechtbank Noord-Holland, locatie Haarlemmermeer van 14 september 2016, houdende bevel tot zijn gevangenhouding en afwijzing van het verzoek tot schorsing van de voorlopige hechtenis.

De feiten en de rechtsgang

Het hof heeft kennis genomen van de akte van de griffier van de rechtbank Noord-Holland, locatie Haarlemmermeer van 19 september 2016, waarbij namens de verdachte hoger beroep is ingesteld van voormelde beschikking van die rechtbank.
Het hof heeft gezien de beschikking waarvan beroep en heeft kennis genomen van de stukken betrekking hebbend op de voorlopige hechtenis van de verdachte en heeft gehoord de advocaat-generaal en de verdachte, bijgestaan door diens raadsman mr. T.S. Kessel.

De beoordeling

Het hof verenigt zich met de beschikking waarvan beroep en de gronden waarop deze berust, met uitzondering van de gronden van vluchtgevaar en de waarheidsvinding. Deze gronden komen dan ook te vervallen.
Gelet op de bevindingen van het Sluisteam en de KMAR, de verklaring van [naam], de camerabeelden en de bevindingen met betrekking tot het reizen op 15 en 28 november 2015 acht het hof voldoende ernstige bezwaren aanwezig voor het op de vordering inbewaringstelling vermelde feit.
In het dossier zijn aanknopingspunten te vinden voor de verdenking dat de verdachte zich meer dan eenmalig met mensensmokkel heeft beziggehouden. Er zijn geen gegevens bekend over hoe de verdachte verder zijn tijd vult. Nu de verdachte [naam] heeft verklaard dat hij de verdachte al zijn geld heeft gegeven, lijkt het erop dat de verdachte in zijn levensonderhoud voorziet door middel van mensensmokkel, zodat het gevaar van recidive aanwezig is.
Gelet op dit recidivegevaar en wat het hof op dit punt hiervoor heeft overwogen ziet het hof, nu van de kant van de verdachte ook geen dringend belang is aangevoerd, geen aanleiding om de voorlopige hechtenis van de verdachte te schorsen.

15.820535-16

De beslissing

Het hof:
WIJST AF het beroep tegen de bestreden beschikking.
Deze beschikking is gegeven op 28 september 2016 in raadkamer van dit hof door
mr. J.L. Bruinsma, voorzitter,
mrs. J.J.I. de Jong en N.N. Kirkels- Vrijman, raadsheren,
in tegenwoordigheid van mr. S.A.M. Borg als griffier.
De advocaat-generaal bij dit gerechtshof brengt vorenstaande beschikking ter kennis van de verdachte.
Amsterdam, 28 september 2016,
de advocaat-generaal