Uitspraak
GERECHTSHOF AMSTERDAM
1.Het geding in hoger beroep
2.Beoordeling
korte lening tbv Shanghai”.
deel betaling China”.
Gerechtshof Amsterdam
In deze civiele zaak vordert appellant in hoger beroep schorsing van de tenuitvoerlegging van een vonnis waarbij hij veroordeeld is tot betaling van een restantlening van €23.000,- aan X Holding B.V. X Holding had conservatoir beslag gelegd op de woning van appellant en zijn echtgenote. Appellant betoogt dat tenuitvoerlegging misbruik van bevoegdheid oplevert omdat zijn echtgenote, die niet partij is, daardoor schade lijdt.
Het hof overweegt dat schorsing van tenuitvoerlegging alleen mogelijk is bij misbruik van executiebevoegdheid, bijvoorbeeld bij een duidelijke juridische of feitelijke misslag of wanneer tenuitvoerlegging een noodtoestand veroorzaakt. Het hof stelt vast dat het vonnis niet op een misslag berust en dat de gevorderde verdeling van de gemeenschap, hoewel schadelijk, geen noodtoestand oplevert.
Daarom wordt de incidentele vordering tot schorsing afgewezen. Appellant wordt veroordeeld in de kosten van het incident. De hoofdzaak wordt verwezen naar de rol voor verdere behandeling. Het arrest is gewezen door drie raadsheren en op 13 december 2016 in het openbaar uitgesproken.
Uitkomst: De incidentele vordering tot schorsing van de tenuitvoerlegging van het vonnis wordt afgewezen.