ECLI:NL:GHAMS:2016:5319
Gerechtshof Amsterdam
- Raadkamer
- M. Iedema
- N.R.A. Meerbeek
- J.H. Wesselink
- Rechtspraak.nl
Afwijzing schorsing voorlopige hechtenis wegens ernstige bezwaren fraude en recidivegevaar
Het Gerechtshof Amsterdam behandelde het hoger beroep tegen de beschikking van de rechtbank Amsterdam waarin het bevel tot gevangenhouding van verdachte werd bevestigd. De verdachte wordt verdacht van meerdere feiten van frauduleus handelen, waarbij ernstige bezwaren aanwezig zijn dat hij zich langdurig en frequent hiermee heeft beziggehouden.
De raadsman van de verdachte voerde aan dat er discussie moet zijn over het oogmerk van de verdachte met betrekking tot de betaling van bestelde apparatuur, maar het hof acht deze vraag voor de inhoudelijke behandeling door de feitenrechter. Het hof stelt vast dat er ernstige bezwaren zijn voor zes feiten en dat het recidivegevaar groot is, mede omdat de verdachte een misdrijf wordt verweten waarop een gevangenisstraf van zes jaar of meer staat.
Daarnaast blijft de onderzoeksgrond voor voorlopige hechtenis gehandhaafd omdat nog onderzoekshandelingen plaatsvinden. Het ontbreken van een reclasseringsrapport met concrete schorsingsvoorwaarden maakt het voor het hof onmogelijk om het recidivegevaar adequaat in te schatten en te beperken. Ook zijn er geen persoonlijke omstandigheden die een schorsing rechtvaardigen.
Op grond hiervan wijst het hof het beroep tegen de gevangenhouding en het verzoek tot schorsing van de voorlopige hechtenis af. De beschikking is gegeven in raadkamer op 30 november 2016 door de raadsheren Iedema, Meerbeek en Wesselink.
Uitkomst: Het hof wijst het beroep tegen de gevangenhouding en het verzoek tot schorsing van de voorlopige hechtenis af.