ECLI:NL:GHAMS:2016:4671

Gerechtshof Amsterdam

Datum uitspraak
27 oktober 2016
Publicatiedatum
18 november 2016
Zaaknummer
23-003519-15
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Vrijspraak
Procedures
  • Hoger beroep
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Vrijspraak wegens onvoldoende bewijs diefstal navigatiesysteem uit auto

In hoger beroep heeft het gerechtshof Amsterdam het vonnis van de politierechter vernietigd en verdachte vrijgesproken van de ten laste gelegde diefstal van een navigatiesysteem uit een zwarte Volkswagen Golf op een parkeerterrein langs de A4 te Haarlemmermeer.

De zaak draaide om de vraag of verdachte daadwerkelijk betrokken was bij de inbraak die op camerabeelden was vastgelegd. Hoewel vaststond dat twee personen inbraken in de auto en dat verdachte met een bijrijder op hetzelfde parkeerterrein aanwezig was, kon het hof niet met voldoende zekerheid vaststellen dat verdachte één van de daders was.

De camerabeelden waren van grote afstand en niet scherp, en de tijdstippen waarop de auto van verdachte het terrein op- en afreed kwamen niet overeen met die van de daders. Ook het ANPR-systeem bevestigde niet dat de auto van verdachte op het moment van de inbraak op het terrein was. Hierdoor was het hof van oordeel dat het bewijs onvoldoende was voor een veroordeling.

Het hof vernietigde het eerdere vonnis en sprak verdachte vrij van alle ten laste gelegde feiten.

Uitkomst: Verdachte is vrijgesproken wegens onvoldoende wettig en overtuigend bewijs van diefstal.

Uitspraak

parketnummer: 23-003519-15
datum uitspraak: 27 oktober 2016
TEGENSPRAAK
Arrest van het gerechtshof Amsterdam gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Noord-Holland van 20 augustus 2015 in de strafzaak onder parketnummer 15-118685-15 tegen
[verdachte],
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag] 1991,
adres: [adres],

Onderzoek van de zaak

Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep van 16 juni 2016 en 13 oktober 2016.
Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal en van hetgeen door de verdachte en de raadsman naar voren is gebracht.

Tenlastelegging

Aan de verdachte is ten laste gelegd dat:
primair:
hij op of omstreeks 26 januari 2015 in de gemeente Haarlemmermeer (op een parkeerterrein gelegen langs de A4) tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening in/uit een personenauto (VW Golf), (kleur zwart)) heeft weggenomen een navigatiesysteem, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [bedrijf], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s), waarbij verdachte en/of zijn mededader(s) zich de toegang tot de plaats des misdrijfs heeft/hebben verschaft en/of de/het weg te nemen goed(eren) onder zijn/hun bereik heeft/hebben gebracht door middel van braak, verbreking en/of inklimming.
subsidiair:
hij op of omstreeks 26 januari 2015 te gemeente Haarlemmermeer ( op een parkeerterrein gelegen langs de A4) ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening in/uit een personenauto (VW Golf) (kleur zwart) weg te nemen geld en/of (een) goed(eren) van zijn/hun gading, geheel of ten dele toebehorende aan [bedrijf] en/of [slachtoffer], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s) en zich daarbij de toegang tot die personenauto te verschaffen en/of die/dat weg te nemen geld en/of die/dat goed(eren) onder zijn/hun bereik te brengen door middel van braak, verbreking en/of inklimming, met een of meer van zijn mededader(s), althans alleen bezig zijn geweest een of meer peortieren van die auto open te breken, terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid.
Voor zover in de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten voorkomen, zal het hof deze verbeterd lezen. De verdachte wordt daardoor niet in de verdediging geschaad.

Vonnis waarvan beroep

Het vonnis waarvan beroep zal worden vernietigd, omdat het hof met betrekking tot de bewijsvraag tot een andere beslissing komt dan de politierechter.

Vordering van het openbaar ministerie

De advocaat-generaal heeft gevorderd dat de verdachte zal worden veroordeeld tot dezelfde straf als door de rechter in eerste aanleg opgelegd.

Vrijspraak

Voor het hof staat vast dat op maandag 26 januari 2015 twee personen hebben ingebroken in een zwarte Volkswagen Golf die stond geparkeerd op het parkeerterrein van het Van der Valk hotel langs de A4 te Hoofddorp. Die inbraak is vastgelegd op camerabeelden. Daarbij tekent het hof onmiddellijk aan dat deze beelden van grote afstand en in het donker zijn gemaakt en niet buitengewoon scherp zijn. Eveneens staat vast dat de verdachte in zijn auto, tezamen met een bijrijder, op diezelfde avond op dat parkeerterrein aanwezig is geweest. Er kan echter niet met een voor een bewezenverklaring voldoende mate van zekerheid worden vastgesteld dat de verdachte één van de personen is geweest die de inbraak gepleegd hebben. Dat oordeel berust op het volgende.
Uit de beelden van de camera die was gericht op het parkeerterrein volgt dat de auto van de daders om 1:25:11 uur het parkeerterrein oprijdt en de slagboom passeert. Uit de beelden die zijn opgenomen bij de slagboom die tot het terrein toegang geeft kan voorts worden afgeleid dat de auto van de verdachte om 23:34 uur het parkeerterrein oprijdt en de slagboom passeert. Dit laatste spoort met de gegevens die zijn vastgelegd middels het aan die tweede camera gekoppelde ANPR-systeem, welk systeem de kentekens registreert van de voertuigen die het terrein op- en afrijden (p. 89-90). Nu uit die gegevens niet blijkt dat de auto van de verdachte op 01:25 uur wederom het terrein op is gereden en zulks ook niet op andere wijze naar voren is gekomen, staat niet vast dat de auto van de daders ook de auto van de verdachte is geweest. Bovendien heeft het hof op de terechtzitting waargenomen dat, volgens de tijdsaanduiding op de beelden, de auto van de daders het parkeerterrein om 1:29:24 uur afrijdt en om 1:29:51 uur halt houdt bij de slagboom. De auto waarin de verdachte zich met een passagier bevond houdt, volgens de tijdsaanduiding op de beelden, al op een eerder moment, te weten om 1:29:05 uur, halt bij de slagboom om het terrein te verlaten.
Naar het oordeel van het hof is daarom niet wettig en overtuigend bewezen hetgeen de verdachte is ten laste gelegd, zodat de verdachte hiervan moet worden vrijgesproken.

BESLISSING

Het hof:
Vernietigt het vonnis waarvan beroep en doet opnieuw recht:
Verklaart niet bewezen dat de verdachte het primair en subsidiair ten laste gelegde heeft begaan en spreekt de verdachte daarvan vrij.
Dit arrest is gewezen door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam, waarin zitting hadden mr. A.M. Kengen, mr. J.J.I. de Jong en mr. M.L.M. van der Voet, in tegenwoordigheid van A.N. Biersteker, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van dit gerechtshof van 27 oktober 2016.