ECLI:NL:GHAMS:2016:4174
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens onvoldoende bewijs mishandeling echtgenoot
Het gerechtshof Amsterdam behandelde het hoger beroep tegen het vonnis van de politierechter in de strafzaak tegen verdachte, die werd beschuldigd van mishandeling van zijn echtgenoot op 7 augustus 2015 in Castricum.
De tenlastelegging omvatte diverse vormen van geweld, waaronder duwen, trekken, slaan en knijpen, met als gevolg pijn en letsel bij het slachtoffer. Het hof nam kennis van de vorderingen van de advocaat-generaal en de verdediging.
Na beoordeling van het bewijs oordeelde het hof dat er geen causaal verband kon worden vastgesteld tussen de in het dossier opgenomen foto's van het letsel en de vermeende mishandeling. Ook de verklaring van de zoon van het slachtoffer werd onvoldoende geacht als ondersteunend bewijs.
Daarom was niet wettig en overtuigend bewezen dat verdachte het ten laste gelegde had begaan. Het hof vernietigde het vonnis van de politierechter en sprak verdachte vrij van de tenlastelegging.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens onvoldoende wettig en overtuigend bewijs mishandeling.