ECLI:NL:GHAMS:2016:4128

Gerechtshof Amsterdam

Datum uitspraak
14 oktober 2016
Publicatiedatum
14 oktober 2016
Zaaknummer
R 001315-16
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Raadkamer
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 591a SvArt. 89 SvArt. 9a Sr
Verwijzingen
4 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing verzoek vergoeding kosten rechtsbijstand na onherroepelijk arrest zonder strafoplegging

De verdachte heeft een verzoek ingediend op grond van artikel 591a Sv tot vergoeding van de forfaitaire kosten voor het opstellen, indienen en toelichten van een verzoekschrift op grond van artikel 89 Sv Pro. Dit verzoek werd behandeld in de raadkamer van het gerechtshof Amsterdam op 14 oktober 2016. De verdachte was opgeroepen, maar verscheen niet. De advocaat-generaal sprak zich uit voor toewijzing van het verzoek.

De voorzitter constateerde dat de strafzaak met het betreffende parketnummer was geëindigd zonder oplegging van straf of maatregel en zonder toepassing van artikel 9a Sr. Het arrest van 12 november 2015 was onherroepelijk geworden. Omdat een gelijktijdig ingediend verzoek met rekestnummer 000238-16 reeds was toegewezen, werd het onderhavige verzoek afgewezen.

De beschikking werd onverwijld betekend aan de verzoeker. De voorzitter van de meervoudige raadkamer, mr. J.L. Bruinsma, tekende de beschikking in aanwezigheid van griffier mr. D. Zeiss. De uitspraak vond plaats op de openbare zitting van 14 oktober 2016.

Uitkomst: Het verzoek tot vergoeding van kosten rechtsbijstand wordt afgewezen vanwege reeds toegekende vergoeding voor een gelijktijdig verzoek.

Uitspraak

beschikking
GERECHTSHOF AMSTERDAM
Rekestnummer: 001315-16/ (591a Sv)
Parketnummer in hoger beroep: 23-002754-14
Beschikking op het verzoekschrift op de voet van artikel 591a van het Wetboek van Strafvordering (Sv) van:
[verdachte],
geboren te [geboorteplaats] (Pakistan) op [geboortedag] 1970,
te dezer zake domicilie kiezende ten kantore van zijn advocaat mr. [naam],
[adres].

1.Inhoud van het verzoek

Het verzoekschrift strekt tot het verkrijgen van een vergoeding uit ’s Rijks kas ten bedrage van de forfaitaire vergoeding ten behoeve van het opstellen, indienen en in raadkamer toelichten van het gelijktijdig ingediende verzoekschrift op de voet van artikel 89 Sv Pro.

2.Procesverloop

De voorzitter heeft kennis genomen van de stukken in de strafzaak met voormeld parketnummer en heeft op 16 september 2016 de advocaat-generaal en de advocaat van de verzoeker ter gelegenheid van de openbare behandeling van het verzoekschrift in raadkamer gehoord. De verzoeker is -hoewel behoorlijk opgeroepen- niet verschenen.
De advocaat-generaal heeft geconcludeerd tot toewijzing van het verzoek.

3.Beoordeling van het verzoek

Het verzoekschrift is tijdig ter griffie van dit hof ingediend.
De strafzaak met voormeld parketnummer is geëindigd zonder oplegging van straf of maatregel en zonder dat toepassing is gegeven aan artikel 9a van het Wetboek van Strafrecht. Het op 12 november 2015 op tegenspraak (gemachtigd raadsman) gewezen arrest in die strafzaak is inmiddels onherroepelijk geworden.
Nu de voorzitter het op artikel 591a Sv gebaseerde verzoek van de advocaat tot het verkrijgen van een vergoeding uit ’s Rijks kas ter zake van de kosten van rechtsbijstand voor het opstellen, indienen en in raadkamer toelichten van het gelijktijdig ingediende verzoekschrift op de voet van artikel 89 Sv Pro met rekestnummer 000238-16, ten bedrage van € 550,00, zijnde het geldende standaardbedrag, van welke beslissing een kopie aan deze beschikking wordt gehecht, reeds heeft toegewezen, zal de voorzitter het onderhavige verzoek afwijzen.

4.Beslissing

De voorzitter:
Wijst het verzochte af.
Beveelt de onverwijlde betekening van deze beschikking aan de verzoeker.
Deze beschikking is gegeven door de voorzitter van de meervoudige raadkamer van het gerechtshof Amsterdam, mr. J.L. Bruinsma, in tegenwoordigheid van mr. D. Zeiss als griffier, is ondertekend door de voorzitter en de griffier en is uitgesproken op de openbare zitting van dit hof van 14 oktober 2016.