ECLI:NL:GHAMS:2016:3391

Gerechtshof Amsterdam

Datum uitspraak
5 augustus 2016
Publicatiedatum
23 augustus 2016
Zaaknummer
23-004702-15
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Veroordeling
Procedures
  • Hoger beroep
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 63 SrArt. 9 Wegenverkeerswet 1994Art. 176 Wegenverkeerswet 1994
Verwijzingen
7 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Bevestiging veroordeling voor rijden met ongeldig verklaard rijbewijs met aangepaste straf

In hoger beroep heeft het gerechtshof Amsterdam het vonnis van de politierechter in eerste aanleg bevestigd, behalve de strafoplegging die werd verhoogd. De verdachte werd veroordeeld voor het besturen van een motorrijtuig terwijl zijn rijbewijs ongeldig was verklaard, hetgeen de verkeersveiligheid in gevaar bracht.

De politierechter legde een gevangenisstraf van één week op, maar de advocaat-generaal vorderde twee weken. Het hof heeft de ernst van het feit, de omstandigheden waaronder het is begaan en de persoon van de verdachte meegewogen. Van belang was dat de verdachte wist dat zijn rijbewijs ongeldig was, maar toch reed, en dat hij meerdere eerdere veroordelingen had voor verkeersdelicten.

Hoewel de verdachte persoonlijke omstandigheden en redenen aanvoerde om toch te rijden, vond het hof dit onvoldoende voor een lichtere straf. Gezien artikel 63 Sr Pro werd de straf beperkt tot twee weken gevangenisstraf, passend bij de ernst en recidive. De tijd die de verdachte in voorarrest heeft doorgebracht wordt in mindering gebracht op de straf.

Uitkomst: De verdachte is veroordeeld tot een gevangenisstraf van twee weken voor het rijden met een ongeldig verklaard rijbewijs.

Uitspraak

Parketnummer: 23-004702-15
Datum uitspraak: 5 augustus 2016
TEGENSPRAAK
Arrest van het gerechtshof Amsterdam gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Noord-Holland van 10 november 2015 in de strafzaak onder parketnummer 96-150242-15 tegen
[verdachte],
geboren te District [geboorteplaats] (Suriname) op [geboortedag] 1972,
adres: [adres].

Onderzoek van de zaak

Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep van 22 juli 2016 en, overeenkomstig het bepaalde bij artikel 422, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering, het onderzoek op de terechtzitting in eerste aanleg.
Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal en van hetgeen door de verdachte en de raadsman naar voren is gebracht.

Vonnis waarvan beroep

Het hof verenigt zich met het vonnis waarvan beroep en zal dit derhalve bevestigen behalve ten aanzien van strafoplegging. In zoverre zal het vonnis worden vernietigd.

Oplegging van straf

De politierechter in de rechtbank Noord-Holland heeft de verdachte voor het in eerste aanleg bewezen verklaarde veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van 1 week.
Tegen voormeld vonnis is door de verdachte hoger beroep ingesteld.
De advocaat-generaal heeft gevorderd dat de verdachte voor het ten laste gelegde zal worden veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van 2 weken.
De raadsman van de verdachte heeft ter terechtzitting in hoger beroep naar voren gebracht dat ten onrechte geen rekening is gehouden met verdachtes reden om achter het stuur te kruipen. Hij heeft verzocht dit in hoger beroep wel te doen en daarbij ook verdachtes persoonlijke omstandigheden in overweging te nemen.
Het hof heeft in hoger beroep de op te leggen straf bepaald op grond van de ernst van het feit en de omstandigheden waaronder dit is begaan en gelet op de persoon van de verdachte.
Het hof heeft daarbij in het bijzonder het volgende in beschouwing genomen.
De verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan het besturen van een motorrijtuig, terwijl zijn rijbewijs ongeldig is verklaard. Het is in het belang van de verkeersveiligheid dat alleen personen met een geldig rijbewijs motorrijtuigen besturen. De verdachte wist dat zijn rijbewijs ongeldig was verklaard, maar dit heeft de verdachte niet kunnen weerhouden toch achter het stuur te plaats te nemen en een auto te besturen. Hiermee heeft hij de verkeersveiligheid in gevaar gebracht en tevens blijk gegeven zich niets aan te trekken van de door bevoegd gezag opgelegde beslissing tot ongeldigverklaring van zijn rijbewijs. Het hof rekent dit de verdachte zwaar aan.
De LOVS oriëntatiepunten voor straftoemeting schrijven in dit soort gevallen (voor
first offenders) een gevangenisstraf voor de duur van 2 weken voor. De verdachte is echter, blijkens een hem betreffend uittreksel uit de Justitiële Documentatie van 13 juli 2016, meermalen voor delicten die verband houden met de verkeersveiligheid onherroepelijk veroordeeld. Dit maakt verdachtes handelen des te laakbaarder.
Het hof heeft in verdachtes reden om het motorrijtuig te besturen dan wel zijn persoonlijke omstandigheden geen rechtvaardiging voor een andere straf dan een onvoorwaardelijke gevangenisstraf gevonden. Het hof zal echter rekening houden met artikel 63 van Pro het Wetboek van Strafrecht en zal derhalve niet meer dan de hiervoor vermelde gevangenisstraf opleggen, hetgeen op basis van de Justitiële Documentatie van de verdachte wel in de rede lag.
Het hof acht, alles afwegende, een gevangenisstraf van na te melden duur passend en geboden.

Toepasselijke wettelijke voorschriften

De op te leggen straf is gegrond op artikel 63 van Pro het Wetboek van Strafrecht en op de artikelen 9 en 176 van de Wegenverkeerswet 1994.
Deze wettelijke voorschriften worden toegepast zoals geldend ten tijde van het bewezen verklaarde.

BESLISSING

Het hof:
Vernietigt het vonnis waarvan beroep ten aanzien van straf en doet in zoverre opnieuw recht.
Veroordeelt de verdachte tot een
gevangenisstrafvoor de duur van
2 (twee) weken.
Beveelt dat de tijd die door de verdachte vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in enige in artikel 27, eerste lid, of artikel 27a van het Wetboek van Strafrecht bedoelde vorm van voorarrest is doorgebracht, bij de uitvoering van de opgelegde gevangenisstraf in mindering zal worden gebracht, voor zover die tijd niet reeds op een andere straf in mindering is gebracht.
Bevestigt het vonnis waarvan beroep voor het overige.
Dit arrest is gewezen door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam, waarin zitting hadden mr. J.D.L. Nuis, mr. P. Greve en mr. G.M. Boekhoudt, in tegenwoordigheid van mr. M. Helmers, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van dit gerechtshof van 5 augustus 2016.
=========================================================================
[....]