ECLI:NL:GHAMS:2016:2246

Gerechtshof Amsterdam

Datum uitspraak
9 juni 2016
Publicatiedatum
13 juni 2016
Zaaknummer
200.168.600/03 OK
Instantie
Gerechtshof Amsterdam
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - meervoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 2:345 BWArt. 2:349a lid 2 BWArt. 2:350 BW
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Beëindiging van enquêteonderzoek en onmiddellijke voorzieningen na minnelijke regeling bij Peaxe B.V.

De Ondernemingskamer Amsterdam behandelde een zaak betreffende een enquêteonderzoek naar het beleid en de gang van zaken van de besloten vennootschap Peaxe B.V. over de periode vanaf 1 januari 2014. Dit onderzoek was bij beschikking van 16 september 2015 bevolen, waarbij tevens tijdelijke voorzieningen waren getroffen, waaronder de benoeming van een tijdelijk bestuurder en het beheer van aandelen.

Op 6 juni 2016 verzocht verzoekster [A], namens zichzelf, om beëindiging van het onderzoek en de onmiddellijke voorzieningen, naar aanleiding van een minnelijke regeling tussen haar en belanghebbende [B]. Zowel Peaxe B.V., vertegenwoordigd door de tijdelijk bestuurder, als belanghebbende [B] stemden in met dit verzoek.

De Ondernemingskamer stelde vast dat er geen belangen waren die zich tegen beëindiging verzetten en besloot daarom het onderzoek en de onmiddellijke voorzieningen met ingang van 9 juni 2016 te beëindigen. De beschikking werd uitvoerbaar bij voorraad verklaard en in het openbaar uitgesproken door mr. M.M.M. Tillema.

Uitkomst: Het enquêteonderzoek en de onmiddellijke voorzieningen bij Peaxe B.V. worden beëindigd na een minnelijke regeling.

Uitspraak

beschikking
___________________________________________________________________
GERECHTSHOF AMSTERDAM
ONDERNEMINGSKAMER
zaaknummer: 200.168.600/03 OK
beschikking van de Ondernemingskamer van 9 juni 2016
inzake
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
[A],
gevestigd te [....],
VERZOEKSTER,
advocaat:
mr. A. Aaryf, kantoorhoudende te Utrecht,
t e g e n
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
PEAXE B.V.,
gevestigd te Waalre,
VERWEERSTER,
niet verschenen,
e n t e g e n
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
[B],
gevestigd te [....],
BELANGHEBBENDE,
advocaat:
mr. E.M. Soerjatin, kantoorhoudende te Amsterdam.

1.Het verloop van het geding

1.1
Partijen en andere betrokkenen worden hierna als volgt aangeduid:
  • Verzoekster als [A];
  • Verweerster als Peaxe;
  • Belanghebbende als [B].
1.2
Voor het verloop van het geding verwijst de Ondernemingskamer naar haar beschikking in deze zaak van 16 september 2015.
1.3
Bij die beschikking heeft de Ondernemingskamer – voor zover thans van belang – een onderzoek bevolen naar het beleid en de gang van zaken van Peaxe over de periode vanaf 1 januari 2014, een nader aan te wijzen en aan partijen bekend te maken persoon benoemd teneinde het onderzoek te verrichten, alsmede – bij wijze van onmiddellijke voorzieningen en vooralsnog voor de duur van het geding – dr. mr. C.B. Schutte (hierna: Schutte) tot tijdelijk bestuurder van Peaxe benoemd en de aandelen die door [A] en [B] worden gehouden in het geplaatste kapitaal van Peaxe, minus één aandeel van ieder, ten titel van beheer overgedragen aan mr. J.A. van der Have (hierna: Van der Have).
1.4
Bij e-mail van 6 juni 2016 heeft mr. Aaryf namens [A] in het kader van een tussen onder meer [A] en [B] getroffen minnelijke regeling verzocht - zo verstaat de Ondernemingskamer - het bij de beschikking van 16 september 2015 bevolen en de bij die beschikking getroffen onmiddellijke voorzieningen te beëindigen.
1.5
Bij e-mail van 6 juni 2016 heeft mr. Soerjatin namens [B] ingestemd met het verzoek tot beëindiging.
1.6
Bij e-mail van 6 juni 2016 heeft Schutte mede namens Peaxe ingestemd met het verzoek tot beëindiging. Voorts heeft Van der Have bij e-mail van 6 juni 2016 ingestemd met het verzoek tot beëindiging.

2.De gronden van de beslissing

Nu [A] heeft verzocht het bij de beschikking van 16 september 2015 bevolen onderzoek en de bij die beschikking getroffen onmiddellijke voorzieningen te beëindigen, alle overige partijen hebben ingestemd met dit verzoek en de Ondernemingskamer voorts niet is gebleken van enig belang dat zich tegen beëindiging verzet, zal de Ondernemingskamer het verzoek inwilligen, een en ander met ingang van heden.

3.De beslissing

De Ondernemingskamer:
beëindigt met ingang van heden het bij haar beschikking van 16 september 2015 bevolen onderzoek naar het beleid en de gang van zaken van Peaxe;
beëindigt met ingang van heden de bij haar beschikking van 16 september 2015 in deze zaak getroffen onmiddellijke voorzieningen;
verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad.
Deze beschikking is gegeven door mr. G.C. Makkink, voorzitter, mr. A.M.L. Broekhuijsen-Molenaar en mr. M.M.M. Tillema, raadsheren, en prof. dr. R.A.H. van der Meer RA en drs. C. Smits-Nusteling, raden, in tegenwoordigheid van mr. R. Verheggen, griffier, en in het openbaar uitgesproken door mr. Tillema op 9 juni 2016.