In deze zaak heeft de Ondernemingskamer van het Gerechtshof Amsterdam op 22 april 2016 een beschikking gegeven in een enquêteprocedure betreffende het beleid en de gang van zaken van de besloten vennootschappen Strara Vastgoed B.V. en SR Horeca B.V. De Ondernemingskamer had op 5 februari 2016 een onderzoek bevolen en onmiddellijke voorzieningen getroffen, waaronder de aanstelling van een bestuurder en beheerder en de overdracht van aandelen ten titel van beheer.
Verzoekster [A] heeft bij brief van 15 maart 2016 verzocht deze onmiddellijke voorzieningen op te heffen, mede omdat zij op 3 maart 2016 enig aandeelhouder van Strara was geworden. Ook de aangewezen bestuurder en beheerder hebben verzocht de voorzieningen op te heffen, omdat voortzetting van hun werkzaamheden niet langer zinvol was en financiële verplichtingen waren voldaan. De Ondernemingskamer heeft partijen en belanghebbenden in de gelegenheid gesteld te reageren, maar alleen de curator van De Dobbelaar B.V. heeft gereageerd zonder bezwaar.
De Ondernemingskamer heeft geoordeeld dat het voortbestaan van de voorzieningen niet langer zinvol is en dat er geen bezwaar bestaat. Daarom zijn de onmiddellijke voorzieningen met ingang van 22 april 2016 opgeheven en is deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad verklaard. Het verzoek tot beëindiging van het onderzoek zal bij een afzonderlijke beschikking worden behandeld.