ECLI:NL:GHAMS:2016:1139
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- P.F.E. Geerlings
- J.A.M. de Wit
- A.M. Kengen
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens onvoldoende bewijs van winkeldiefstal borrelnootjes
Het gerechtshof Amsterdam behandelde het hoger beroep tegen het vonnis van de kinderrechter in een zaak betreffende winkeldiefstal van een zakje borrelnootjes uit een supermarkt te Haarlem.
De verdachte werd ervan beschuldigd op of omstreeks 24 september 2015 met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening een zakje borrelnootjes weggenomen te hebben uit de VOMAR supermarkt. Tijdens het onderzoek in hoger beroep heeft het hof kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal en de verdediging van de verdachte.
Het hof oordeelde dat de stukken in het dossier met betrekking tot het zakje borrelnootjes onvolledig en niet ondubbelzinnig waren. De wijze van verbaliseren leidde tot twijfel over de schuld van de verdachte. Ondanks wisselende verklaringen van de verdachte, waaronder dat hij de zak al van huis had meegenomen, bleven veel punten onduidelijk. Hierdoor kon niet met voldoende overtuiging worden vastgesteld dat de verdachte het ten laste gelegde feit had begaan.
Op grond hiervan vernietigde het hof het vonnis van de kinderrechter en sprak de verdachte vrij. De verdachte werd niet in zijn verdediging geschaad door eventuele taal- of schrijffouten in de tenlastelegging, die het hof verbeterd las.
De uitspraak werd gedaan door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam op 24 maart 2016.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens onvoldoende bewijs van winkeldiefstal.