ECLI:NL:GHAMS:2015:5806

Gerechtshof Amsterdam

Datum uitspraak
4 februari 2015
Publicatiedatum
20 juli 2016
Zaaknummer
15/800612-14
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Hoger beroep
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 67a lid 3 Sv
Verwijzingen
1 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing hoger beroep tegen verlenging voorlopige hechtenis wegens recidivegevaar

Het gerechtshof Amsterdam behandelde het hoger beroep van verdachte tegen de beschikking van de rechtbank Noord-Holland, locatie Alkmaar, waarin de voorlopige hechtenis werd verlengd. Verdachte stelde dat hij bereid was mee te werken aan hulpverlening, wat volgens hem het recidivegevaar zou kunnen beperken.

Het hof heeft de stukken en het verweer van verdachte en zijn raadsman zorgvuldig bestudeerd en heeft tevens de advocaat-generaal gehoord. Het hof is van oordeel dat de enkele stelling van bereidheid tot hulpverlening onvoldoende is om het recidivegevaar te verminderen en dat er geen andere maatregel dan voorlopige hechtenis passend is.

Daarnaast oordeelt het hof dat de omstandigheden van artikel 67a lid 3 Sv niet aanwezig zijn. Het beroep van verdachte wordt daarom afgewezen en de verlenging van de voorlopige hechtenis blijft gehandhaafd.

Uitkomst: Het hof wijst het hoger beroep af en verlengt de voorlopige hechtenis van verdachte wegens aanhoudend recidivegevaar.

Uitspraak

15/800612-14
GERECHTSHOF AMSTERDAM,
MEERVOUDIGE STRAFKAMER, RAADKAMER
BESCHIKKINGin raadkamer op het hoger beroep in de zaak van
[verdachte],
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag] 1973,
wonende te [adres]
thans verblijvende in het huis van bewaring Zwaag te Zwaag,
tegen de beschikking van de rechtbank te Noord-Holland, locatie Alkmaar van 14 januari 2015, houdende bevel tot verlenging van de geldigheidsduur van zijn gevangenhouding.

De feiten en de rechtsgang

Het hof heeft kennis genomen van de akte van de griffier van de rechtbank te Noord-Holland, locatie Alkmaar van 15 januari 2015, waarbij namens de verdachte hoger beroep is ingesteld van voormelde beschikking van die rechtbank.
Het hof heeft kennis genomen van de stukken die betrekking hebben op de voorlopige hechtenis van de verdachte, waaronder de beschikking waarvan beroep. Het hof heeft gehoord de advocaat-generaal en de verdachte, bijgestaan door diens raadsman mr. [naam].

De beoordeling

Het hof verenigt zich met de beschikking waarvan beroep en de gronden waarop deze berust.
In de enkele stelling van de verdachte dat hij nu wel bereid is om mee te werken aan hulpverlening ziet het hof geen aanleiding om aan te nemen dat niet onverminderd recidivegevaar aanwezig is en dat het recidivegevaar kan worden ingeperkt door een andere maatregel dan voorlopige hechtenis. Voorts is het hof van oordeel dat een omstandigheid als bedoeld in art. 67a lid 3 Sv zich thans niet voor doet.
Hetgeen de raadsman overigens heeft aangevoerd leent zich niet voor bespreking in het kader van dit hoger beroep.

De beslissing

Het hof:
WIJST AF het beroep tegen de bestreden beschikking.
Deze beschikking is gegeven op 4 februari 2015 in raadkamer van dit hof door
mr. M.J.G.B. Heutink, voorzitter,
mrs. L.I.M. van Bergen en R. Kuiper, raadsheren,
in tegenwoordigheid van K.D.M. de Lange als griffier.
De advocaat-generaal bij dit gerechtshof brengt vorenstaande beschikking ter kennis van de verdachte.
Amsterdam, 4 februari 2015,
de advocaat-generaal