ECLI:NL:GHAMS:2015:5795
Gerechtshof Amsterdam
- Raadkamer
- Rechtspraak.nl
Opheffing voorlopige hechtenis ondanks ernstig subsidiair feit
Het gerechtshof Amsterdam heeft op 11 februari 2015 in raadkamer uitspraak gedaan over het hoger beroep van verdachte tegen de beschikking van de rechtbank Noord-Holland, locatie Haarlem, die een bevel tot voorlopige hechtenis bevatte. De verdachte was in voorlopige hechtenis gesteld wegens een subsidiair feit waarop een gevangenisstraf van meer dan twaalf jaren staat.
Na bestudering van de stukken en het horen van de advocaat-generaal en de verdachte met zijn raadsman, oordeelde het hof dat er weliswaar voldoende ernstige bezwaren zijn tegen de verdachte, maar dat de omstandigheden waaronder het subsidiaire feit plaatsvond niet zodanig zijn dat de rechtsorde geschokt is. Hierdoor rechtvaardigt het voortduren van de voorlopige hechtenis zich niet.
Het hof vernietigde daarom de beschikking van de rechtbank voor zover die het voortduren van de voorlopige hechtenis betrof en besloot de voorlopige hechtenis van de verdachte op te heffen. De uitspraak werd gedaan door de voorzitter en twee raadsheren in aanwezigheid van de griffier.
Uitkomst: De voorlopige hechtenis van verdachte wordt opgeheven ondanks ernstige bezwaren wegens onvoldoende geschokte rechtsorde.