ECLI:NL:GHAMS:2015:479
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- A.N. van de Beek
- M. Wigleven
- W.K. van Duren
- Rechtspraak.nl
Prejudiciële vraag over schadevergoeding bij late psychiatrische beoordeling na inbewaringstelling
Op 28 mei 2013 is betrokkene inbewaring gesteld op basis van een geneeskundige verklaring van een arts die geen psychiater was. De vereiste psychiatrische beoordeling vond pas bijna 41 uur later plaats, wat volgens de rechtbank niet voldoet aan de eis van een onderzoek 'immediately after the arrest'. De rechtbank kende een schadevergoeding toe wegens deze late beoordeling.
De gemeente betwistte dit en stelde dat de burgemeester na het afgeven van de last geen verantwoordelijkheid heeft voor het tijdig laten uitvoeren van het psychiatrisch onderzoek, en dat de last rechtmatig was gegeven. Betrokkene stelde dat er geen sprake was van een noodsituatie en dat de burgemeester wel degelijk verantwoordelijk is voor het tijdig laten onderzoeken.
Het hof concludeerde dat er sprake was van een noodsituatie waardoor een arts in plaats van een psychiater de verklaring kon afgeven, maar dat het psychiatrisch onderzoek te laat heeft plaatsgevonden. Het hof achtte prejudiciële beantwoording door de Hoge Raad noodzakelijk over de onrechtmatigheid van de last, de verantwoordelijkheid van de burgemeester, en de toekenning van schadevergoeding. Het hof stelde partijen in de gelegenheid zich hierover uit te laten en hield verdere beslissing aan.
Uitkomst: Het hof houdt de beslissing aan en stelt prejudiciële vragen aan de Hoge Raad over de onrechtmatigheid en aansprakelijkheid bij late psychiatrische beoordeling na inbewaringstelling.