Uitspraak
,kantoorhoudende te Amsterdam, thans:)
mr. A.B. Tekin Erdogan, kantoorhoudende te Amsterdam,
1.[B] ,
2.[C] ,
3.[D] ,
mr. R.C. van Wieringhen Borski, kantoorhoudende te Amsterdam.
Gerechtshof Amsterdam
De Ondernemingskamer Amsterdam heeft op 22 september 2015 besloten het eerder bevolen enquêteonderzoek naar het beleid en de gang van zaken van Chinese Workers B.V. te beëindigen. Dit besluit volgt op een verzoek van de verzoekster, die namens zichzelf heeft medegedeeld dat partijen een minnelijke regeling hebben getroffen, waardoor het onderzoek en de bijbehorende onmiddellijke voorzieningen niet langer nodig zijn.
Eerder had de Ondernemingskamer bij beschikking van 7 februari 2012 een onderzoek bevolen en een bestuurder benoemd, evenals het beheer van aandelen overgedragen aan deze bestuurder. Dit onderzoek en de voorzieningen waren bedoeld om het beleid en de gang van zaken binnen Chinese Workers B.V. te toetsen. Tegen deze eerdere beschikkingen was cassatieberoep ingesteld, dat door de Hoge Raad op 29 maart 2013 werd verworpen.
Na de minnelijke regeling hebben alle betrokken partijen, waaronder de onderzoeker, de bestuurder en de belanghebbenden, hun instemming gegeven met het verzoek tot beëindiging. De Ondernemingskamer heeft daarop het verzoek ingewilligd en verklaard dat de beschikking uitvoerbaar bij voorraad is. Hiermee is het onderzoek en de onmiddellijke voorzieningen per direct beëindigd.
Uitkomst: De Ondernemingskamer beëindigt het enquêteonderzoek en de onmiddellijke voorzieningen bij Chinese Workers B.V. na een minnelijke regeling.