ECLI:NL:GHAMS:2015:303
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- G.J. Driessen-Poortvliet
- L.A.J. Dun
- R.G. Kemmers
- Rechtspraak.nl
Afwijzing wrakingsverzoek tegen raadsheer wegens vermeende partijdigheid in gezags- en voogdijzaken
Verzoeker, vader van een minderjarige, diende een wrakingsverzoek in tegen raadsheer Mink vanwege haar betrokkenheid bij eerdere procedures waarin hij ontheffing van ouderlijk gezag en omgangsregelingen betwistte.
De wrakingskamer overwoog dat de enkele omstandigheid dat een rechter eerder negatief heeft beslist in soortgelijke zaken onvoldoende is voor wraking, zeker wanneer het nieuwe verzoek gebaseerd is op actuele feiten. De klachten van verzoeker over eerdere uitspraken en vermeende schendingen van het recht op een eerlijk proces konden niet leiden tot wraking.
Ook het feit dat een andere rechter in een gerelateerde procedure zich had laten verschonen, bood geen grond voor wraking van raadsheer Mink. Het verzoek tot wraking werd daarom afgewezen wegens het ontbreken van feiten of omstandigheden die de onpartijdigheid van de raadsheer zouden schaden.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek tegen raadsheer Mink is afgewezen wegens het ontbreken van gegronde aanwijzingen voor partijdigheid.