Uitspraak
GERECHTSHOF AMSTERDAM
Stichting Beschermingsbewind Meerderjarigen Den Helder,
,
[X],
Gerechtshof Amsterdam
In deze civiele zaak stond de aansprakelijkheid van een bewindvoerder centraal die was benoemd voor het beheer van het vermogen van een meerderjarige. De bewindvoerder werd door de kantonrechter aansprakelijk gesteld wegens tekortkomingen in haar taakuitoefening, waaronder het niet tijdig openen van rekeningen en het niet adequaat aanvragen van toeslagen en bijstand.
In hoger beroep werd het oordeel van de kantonrechter grotendeels bekrachtigd. Het hof stelde vast dat de bewindvoerder ernstig tekort was geschoten, onder meer doordat zij geen overzicht hield op uitgaven en niet tijdig leefgeldrekeningen opende. Tevens werden aanvragen voor huur- en zorgtoeslag, bijstand en bijzondere bijstand niet tijdig ingediend, wat schade veroorzaakte.
Het hof bepaalde dat de bewindvoerder de volledige aan haar betaalde bewindvoerderskosten diende terug te betalen, begroot op € 2.361,55, en daarnaast een bedrag van € 1.000,- aan schadevergoeding wegens mede door haar handelen ontstane schuld. De vordering tot vergoeding van mentorkosten werd afgewezen wegens onvoldoende bewijs van tekortkoming op dat vlak.
De beschikking van de kantonrechter werd voor het overige vernietigd en opnieuw vastgesteld, waarbij de bewindvoerder werd veroordeeld tot betaling van genoemde bedragen aan de rechthebbende. De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Uitkomst: De bewindvoerder is aansprakelijk gesteld en veroordeeld tot betaling van € 2.361,55 aan bewindvoerderskosten en € 1.000,- aan schadevergoeding wegens tekortschieten.