ECLI:NL:GHAMS:2015:1415
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging revisierente bij afkoop lijfrenteverzekering ondanks economisch verlies
Belanghebbende heeft in 2010 zijn lijfrenteverzekering afgekocht, waarvoor revisierente werd geheven door de inspecteur. De rechtbank verklaarde het beroep van belanghebbende ongegrond en het Gerechtshof Amsterdam bevestigt deze uitspraak in hoger beroep.
De kern van het geschil betreft de toepassing van artikel 30i van de Algemene wet inzake rijksbelastingen, dat revisierente voorschrijft om het rentenadeel van de staat te compenseren wanneer premies voor lijfrenteaftrek niet aan de voorwaarden voldoen. Belanghebbende voerde aan dat het onbillijk was revisierente te heffen omdat hij economisch verlies leed en de vrijgekomen middelen geheel aan belastingbetaling heeft besteed.
Het hof stelt vast dat de inspecteur de wettelijke regeling correct heeft toegepast en dat de wetgever met de revisierenteregeling beoogt te voorkomen dat belastingplichtigen beter af zijn door vervroegde afkoop. Het feit dat belanghebbende geen positief rendement behaalde, doet niet af aan de verschuldigdheid van revisierente. De rechter mag de billijkheid van de wet niet toetsen.
Daarmee wordt het hoger beroep ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. Er worden geen kosten aan partijen toegewezen.
Uitkomst: Het Gerechtshof bevestigt dat de revisierente terecht is geheven bij de afkoop van de lijfrenteverzekering ondanks het economisch verlies van belanghebbende.